Huizenmarkt wordt onze achilleshiel

Robert ShillerRobert Shiller, een van Amerika’s bekendste economen, zag „het debacle” van de huizenmarkt ver van tevoren aankomen. Beurskoersen herstellen zich misschien alweer, volgens de Yale-hoogleraar staat de VS – en Nederland – het ergste nog te wachten. „Speculeren op de huizenmarkt is een epidemie. Het is besmettelijk.”

Robert Shiller mag niet meer lachen van zijn vrouw. „Ik zat te gniffelen op tv toen ik de malaise op de huizenmarkt aan het uitleggen was. Dat is nu eenmaal mijn standaard gezichtsuitdrukking. Maar mijn echtgenote denkt dat mensen dan kwaad op me worden.”

Toch heeft u reden tot opgewektheid: u heeft het hem weer geflikt. Gefeliciteerd.

„Je bedoelt het debacle voorspellen? Het is nog te vroeg om er zeker van te zijn, maar de Amerikaanse huizenprijs daalt, ja.”

Wat wist u dat anderen niet wisten?

„Ik heb over de menselijke natuur nagedacht.” Weer die lach. „Het zijn ongebruikelijke tijden. Op de een of andere manier heb ik mezelf midden in deze crisis, deze grote crisis, weten te manoeuvreren.”

Econoom Robert Shiller is niet bij iedereen geliefd. Dat komt door zijn sceptisch getinte boodschap, niet zijn werk als wetenschapper en econoom. Hij kreeg vorige maand twee gewilde uitnodigingen om te komen spreken: op de internationale bankiersconferentie van de Amerikaanse centrale bank in de stad Jackson Hole en in het Congres te Washington. Vriend en vijand beschouwen Shiller als ’s lands kundigste voorspeller van economische zeepbellen. Drie ervaringen hebben hem die reputatie bezorgd.

Ervaring één. In 1981 weersprak hij in een stuk in American Economic Review het concept van efficiënte markten – dat ervan uitgaat dat markten economische veranderingen tijdig zien aankomen en zich daarop aanpassen. Volgens Shiller baseren beleggers en handelaars hun gedrag minder op rationele afwegingen dan we denken, meer op emoties. Een markt kan nog zo efficiënt zijn, van collectieve psychologie wint de beurs het niet. Het werd voor kennisgeving aangenomen. Toen zes jaar later op Zwarte Maandag plots de aandelenmarkten de grootste klap sinds 1914 te verwerken kregen, won zijn school van gedragseconomie aan gezag.

Ervaring twee. Shiller werd uitgenodigd door toenmalig centralebankier Alan Greenspan om over de technologiehausse op de beurs van eind jaren negentig te komen praten. Shiller beschreef die situatie met de woorden „irrational exuberance”, irrationele overdaad, en twee dagen later herhaalde Greenspan de term in het openbaar. Het werd opgevat als waarschuwing en een wereldwijde koersdaling volgde. Volgens The Wall Street Journal schreef Shillers vrouw daarop een kerstkaart aan vrienden: „Bob wordt de laatste tijd geplaagd door de gedachte een wereldwijde beurscrash te hebben veroorzaakt.”

Shiller publiceerde niet veel later een boek met de gelijknamige titel, waarin hij waarschuwde voor de zeepbel van technologieaandelen. Het verscheen in maart 2000 en werd een bestseller. Nog geen maand na verschijnen – toeval, volgens de gedragseconoom zelf – verloren beleggers het vertrouwen en spatte de internetzeepbel uit elkaar.

En dan nu ervaring drie, de ingestorte Amerikaanse huizenmarkt. Shiller begon er zes jaar geleden al over. Deze dagen is het eenvoudig bewijslast te vinden voor zijn theorie dat de veelbesproken maar in omvang beperkte groep huiseigenaren met riskante subprime-hypotheken niet meer dan de opmaat voor een economische crisis was.

De gemiddelde huizenprijs van alle Amerikaanse woningen daalde in augustus met 8 procent ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. Het is de grootste prijsafname van de laatste 37 jaar. In sommige steden lopen de prijzen zelfs met eenvijfde terug. Woningen blijven onverkocht, nieuwbouwprojecten staan half afgemaakt in de steigers. In augustus werd een kwart miljoen gezinnen wegens wanbetaling hun huis uit gezet.

Zodra huiseigenaren de waarde van hun vastgoed zien dalen, gaan ze minder uitgeven. Bedrijfsinkomsten verdampen, de ondernemingen schrappen investeringen en ontslaan werknemers – zo luidt de theorie. De economie komt dan piepend tot stilstand. De aandelenmarkten kunnen zich inmiddels wel hersteld hebben van de roerige maand augustus en opnieuw records breken, Shiller verwacht dat de zaak hiermee nog lang niet is afgedaan.

Wat is uw verklaring voor het uitkomen van uw afwijkende theorieën?

„Het komt allemaal neer op hoe deskundigen afwegingen maken. Ik las een indrukwekkend boek over groepsgedrag, ben even de titel kwijt. Daarin stond een aantal praktijkvoorbeelden van foute beoordelingen. Zijn conclusie is dat zodra experts met elkaar in gesprek raken, er een afgebakende manier van redeneren ontstaat. Mensen met afwijkende denkbeelden passen niet in dat systeem. En zullen hun gedachten daarop ook minder kunnen en willen uiten.

„In 2000 hield ik bijvoorbeeld een praatje bij een groep institutionele beleggers. Na afloop stapte een van hen op me af. Hij zei: ‘Over de beurs, hè, ik denk dat je gelijk hebt, ik zou moeten verkopen. Maar dat doe ik niet. Want ik kan dat intern niet verdedigen op basis van de uitlatingen van één persoon.’

„Daar komt nog bij dat het eenvoudig is fouten te maken als theorieën niet cijfermatig te onderbouwen zijn. Als het om opinies gaat. Er zijn genoeg mensen die het einde van de internetzeepbel zagen aankomen. Er zijn ook genoeg verhalen over mensen die wegens het uitspreken van die gedachten hun baan zijn kwijtgeraakt.”

U bedoelt: het was toen net zo min sociaal geaccepteerd als om nu pessimistisch te zijn over de huizenmarkt?

„Het is overduidelijk dat zowel de internet-boom als de wereldwijde huizenhausse zijn aangejaagd door de psychologie van de deelnemers. Dat mag voor velen een open deur zijn, voor deskundigen is dat nieuw.”

U bent bij herhaling een verrader genoemd. Iemand die langskomt om het feestje te verpesten.

Berustend: „Yeah, I know. Weet je: elke succesvolle economie heeft vertrouwen nodig. Dus er is een gevoel dat je niet moet praten over slecht nieuws. Daar ben ik het natuurlijk mee oneens. Want het kan ook gevaarlijk zijn de markt alleen maar positief te benaderen. Dat zien we nu weer in de VS.”

Je ontmoet maar weinig makelaars die zeggen: ‘koop maar even niet’.

„Volgens mij bestáán ze niet eens.” Hij buldert
het uit.

Shiller ontvangt in zijn werkkamer in een vrijstaand huis op de bosrijke campus van Yale. Buiten lopen studenten met boeken onder de arm over het gras, binnen staat de open haard vol met dozen met paperassen. Al een paar keer heeft Shiller zich richting zijn computer bewogen, hij wil iets laten zien. Of beter: hij wil iets vragen. „Hoe spreek je dit uit? Gaergoedt? Waermondt?” Hij laat een Nederlands pamflet uit 1637 zien, op het hoogtepunt van de tulpenmanie. Gaergoedt (oud-Nederlands voor geldwolf) is sinds kort tulpenhandelaar, Waermondt (hij die de waarheid spreekt) is een vriend. Voor zover Shiller weet, is het document het oudste bewijs van de mondelinge overdracht van opwinding die zo eigen is aan zeepbellen – of het nou om internetaandelen, doorzonwoningen of tulpenbollen gaat.

Shiller wordt van vragensteller weer docent en loopt hardop door de vertaalde tekst heen:

„– Gaergoedt: U kunt amper 10 procent winst maken met investeren in uw beroep, maar met de tulpenhandel kan dat 10 of 100 en soms zelfs 1.000 procent zijn.

– Waermondt: Maar kan ik u wel op uw woord geloven?

– Gaergoedt: Dat wat ik net zei, daar sta ik voor.

– Waermondt: Maar ik vrees dat als ik er nu nog aan begin, ik al te laat ben, omdat de handel nu kostbaar is.

– Gaergoedt: Het is nooit te laat om winst te maken, u zult slapend geld verdienen.”

Shiller: „Ik geloof in de besmettelijkheid van dit soort speculatie over de huizenmarkt. Het is een epidemie. Die komt ook onverwachts, die ontstaat en verspreidt zich razendsnel, meestal in de winter, als mensen in moeilijke tijden bij elkaar zitten.”

Shiller verwijst daarmee naar de nadagen van de internetzeepbel. In die tijd verplaatsten particulieren hun spaargeld van slechter presterende aandelen naar vastgoed – waarmee de basis werd gelegd voor de huizenhausse.

„Dat psychologische effect van de Amerikaanse woningmarkt is daarop overgeslagen naar de rest van de westerse wereld. Andersom geredeneerd werkt het net zo. De malaise in de markt in de VS, van zichzelf al een invloedrijk land, slaat nu in de vorm van een negatieve boodschap over op andere landen.”

Nederland bewijst uw ongelijk. Daar is de prijstoename misschien afgevlakt, maar is nog steeds sprake van groei.

„Ook in Nederland kan de huizenprijs nog flink onderuitgaan. In Nederland is de prijstoename de laatste jaren zelfs groter geweest dan in de VS. Elk land kijkt naar zichzelf en denkt: wij doen iets speciaals. Nee hoor. We maken allemaal deel uit van dezelfde wereld.”

Shiller geeft een illustratie van die bewering: „In 2004 daalden de prijzen in Londen. Paniek. Maar het herstel kwam snel. Ik heb de Britse kranten uit die tijd er nog eens op nagekeken. Daarin werd flink naar de Amerikaanse huizenhausse gewezen. En naar de Nederlandse successen. Dan vragen huiseigenaren zich al snel af: waarom zouden de prijzen hier dalen, ze nemen verder toch overal toe? Dat is dan het keerpunt.”

Volgens Shiller zijn almaar stijgende huizenprijzen simpelweg eindig. Voor Amerika baseert hij dat op twee cijfers. De huizenprijs in de VS ligt in grote delen van het land zes tot negen keer zo hoog als het doorsnee inkomen – het wordt dus steeds moeilijker nieuwe kopers te vinden voor almaar meer kostbare huizen. Daarnaast blijft een woning maar zelden zo profijtelijk als huiseigenaren denken: ondanks de prijsexplosies in Amerika komen de voor inflatie gecorrigeerde rendementen niet veel boven 1 procent per jaar uit.

Waarom is het zo moeilijk mensen ervan te overtuigen dat een huis niet per definitie een slimme investering is?

„Dat vraag ik me ook al jaren af. Vroeger was een huis kopen gewoon het juiste om op een bepaald moment in je leven te doen. Om een kind op te voeden, om deel uit te maken van een gemeenschap. Nu denken kopers, of beleggers, graag dat het een natuurwet is dat de prijzen omhooggaan. Omdat het zo lekker is om je rijker te voelen en jezelf als slimme investeerder te zien. Niemand wil meer bij de werkende klasse horen, iedereen zegt liever trots een investering voor later te hebben. Helemaal volgens de klassieke winnaarsmentaliteit.” En dan volgt de waarschuwing. „In de internethausse voelden velen zich ook een winnaar.”

U zegt dus dat huiseigenaren minder rijk zijn dan ze denken?

„Juist ja. Het is makkelijk te vergeten dat we door stijgende huizenprijzen alleen maar zelf rijker worden. Als individu. Niet als collectief. Daar kom je pas achter als we allemaal aan het verkopen slaan. Wanneer dat is? Zodra we de indruk hebben dat de prijs gaat dalen. En zoals je in de VS ziet is er niet veel voor nodig om de balans te laten omslaan. Er is voor immense bedragen absurd overdadig gespeculeerd hier, totdat het opgetelde bezit 23 miljard dollar waard werd. Het gevolg is dat we nu voor miljarden dollars aan waarde kwijtraken.”

Hoe problematisch is dat?

„Problematisch genoeg om de Amerikaanse economie in een recessie te storten. Ik vrees dat dit de heftigste huizencrash sinds de Grote Depressie wordt. Dit soort afnames heeft een belangrijke rol gespeeld in alle recessies van de laatste vijftig jaar. Consumptieve uitgaven krimpen als huizenprijzen dalen. We zullen merken dat dit vertrouwen waarop de groei-economie van de laatste jaren gebaseerd was onze achilleshiel blijkt te zijn.

„Ik wil niet zeggen dat dit allemaal nog dit jaar gaat gebeuren, ik weet het ook niet zeker. En bovendien zou het geen ramp zijn. Als de huizenprijzen met 90 procent dalen, zijn we gewoon terug op het niveau van 2000. En het ging prima met ons in 2000.”

Vanwaar opeens dat voorbehoud?

„Omdat ook ik het niet altijd bij het juiste einde heb. En bovendien is het nogal iets, wat ik nu zeg: de huizenmarkt in Amerika gaat naar beneden en de rest van de wereld zakt daarop ook weg. Maar dat is echt heel goed mogelijk.”

bron: nrc.nl

Tagged with: , ,

Geen benul van risico’s pensioenen

Burgers beseffen niet dat hun pensioen op geen enkele manier gegarandeerd is. In de komende jaren van recessie zullen deelnemers van pensioenfondsen zich dat gaan realiseren. Daardoor zal het consumentenvertrouwen fors teruglopen, wat de recessie weer verder zal versterken.

Die voorspelling doen vier economieprofessoren in een door de Volkskrant georganiseerd debat. Arnoud Boot, Sylvester Eijffinger, Henriëtte Prast en Sweder van Wijnbergen hielden een rondetafelgesprek naar aanleiding van de kredietcrisis-conferentie dit weekeinde in Washington.

Systeem
Werknemers en werkgevers hebben volgens SER-kroonlid Boot het gevoel dat het pensioensysteem gegarandeerd is. ‘Nee, er is helemaal geen garantie.’ Hij wijst erop dat pensioenen zonder meer verlaagd kunnen worden wanneer de rendementen tegenvallen als gevolg van de crisis. Volgens Boot realiseert niemand zich dat Nederland een pensioensysteem heeft waar alle risico’s bij de pensioengerechtigden liggen.

In een reactie waarschuwt directeur Felix Cohen van de Consumentenbond er voor dat ‘de malaise in de financiële wereld overslaat naar de zekerheden van ons pensioen’.

Verdampen
Vakbonden en werkgevers hebben volgens hoogleraar persoonlijke financiële planning Prast echter niet door dat ‘het pensioendomein naar het individu verschuift’. Volgens Van Wijnbergen lopen pensioenen nu gevaar doordat de bezittingen van pensioenfondsen verdampen. ‘En tegelijk moeten ze hun schulden hoger waarderen door de lage rente.’

De pensioenproblemen vallen volgend jaar samen met een fors oplopende werkloosheid, stelt Boot, waarna de huizenmarkt zwaar onder druk komt te staan.

bron: de Volkskrant

Tagged with:

Gedragscode hypotheken moet op de schop

Een onderbelichte oorzaak van de kredietcrisis is de interactie tussen rampbijziendheid – mensen gaan er stilzwijgend vanuit dat rampen niet voor zullen komen – en concurrentie. In afwezigheid van zelfregulering of toezicht krijgen mensen dan teveel hypothecair krediet. Ook in Nederland schort er wat dat betreft aan zelfregulering. De Gedragscode Hypotheken kent fundamentele weeffouten.

De discussie over de kredietcrisis beslaat vele oorzaken en wellicht net zoveel gevolgen, maarwat ik in het debat tot nu toe heb gemist – maar het kan zijn dat ik er over heen heb gelezen – is de interactie tussen bijziendheid en concurrentie. Toen ik een jaar of tien geleden bij De Nederlandsche Bank een studie deed naar kuddegedrag op financiële markten trof mij vooral een reeks studies over het effect van rampbijziendheid op de huizenmarkt. Mijn toenmalige baas kon over dit onderwerp slechts droogjes opmerken: “hiermee kunnen we ons niet profileren”, maar ik was gefascineerd. Richard Herring en zijn co-auteurs laten zien, dat mensen een subjectieve inschatting maken van risico’s. Als die inschatting erg laag wordt, ronden mensen hem – onbewust – naar beneden af, tot nul. Een kans van nul, dat betekent dat het niet op de agenda staat van het management van een financiële instelling, en dat een stijging van risico’s zodoende niet wordt gesignaleerd: het is uit het systeem. Een ramp gebeurt heel infrequent, en indien deze lang geleden heeft plaatsgevonden, dan schatten de meesten van ons de kans erop nihil. Dat noemen we rampbijziendheid, en die kan leiden tot het verschaffen van te ruim hypothecair krediet: mensen mogen teveel lenen en/of ze betalen een te lage rente. Het meeste trof mij in de studie van Herring en anderen de funeste rol van concurrentie. Stel dat de helft van de banken rampbijziend is, en de andere helft niet. Wat gebeurt er met die andere, slimme, verstandige helft? Die wordt van de markt gevaagd, want de klant kan elders, namelijk bij een rampbijziende bank, een grotere lening krijgen tegen een lagere rente! Zelfregulering en toezicht zouden dit perverse effect van concurrentie, mits goed ontworpen, kunnen tegengaan.

In Nederland hebben we zelfregulering en toezicht op het gebied van hypothecair krediet. Maar zijn ze goed ontworpen? Neem de in 2007 aangepaste Gedragscode Hypotheken, een zelfregulering van de bankensector. De code stelt een maximum van zo’n 30-35 aan het percentage van het inkomen dat iemand “verantwoord” aan woonlasten kan betalen. Vreemd genoeg geldt dit maximumpercentage voor elke combinatie van rente en aflossing – terwijl het voor een verantwoorde financiële planning nogal wat uitmaakt of die 30-35% alleen rente is, dan wel rente plus aflossing. Als mensen aflossen is dat sparen, en het is toch vreemd, om niet te zeggen onverantwoord, om daar een maximum aan te stellen. Zelf ben ik zo iemand die zichzelf dwingt om te sparen door onverantwoord duur te wonen maar flink af te lossen: als mijn spaargeld op de bank staat kan ik er te gemakkelijk bij, en van de aandelenmarkt word ik zenuwachtig. Verkeerd ontworpen dus. Maar daar houdt het niet op. Volgens de Gedragscode maakt het voor het maximaal verantwoorde hypotheekbedrag niet uit of de rente vast of variabel is. Sterker nog: een variabele rente is doorgaans lager, en dus moedigt de Gedragscode die aan, want wie kiest voor variabel heeft dus lagerewoonlasten en kan flink extra lenen. Maar een variabele rente, dat is pas riskant. Dat kan een kind begrijpen, we hebben het in de VS kunnen zien, en dat ondervinden ook de huiseigenaren die nu een continuïteitsbijdrage aan hun bank moeten betalen om hun hypothecaire lening te mogen verlengen.

Een goede Gedragscode maakt onderscheid tussen rentelasten en aflossingen, en hanteert een verschillend maximum voor vaste en variabele rente. Een goede adviseur zorgt er voor dat mensen begrijpen dat het al dan niet vastzetten van de rente niets te maken heeft met het gokken op renteverlagingen en -verhogingen. Vastzetten, dat is een verzekering afsluiten tegen een stijging van je woonlasten: als je zo’n stijging niet kan opvangen, moet je wel – net zoals je als huiseigenaar maar beter een opstalverzekering afsluit, ook al is de kans dat je huis afbrandt minimaal.

Henriëtte Prast

prof.dr. H.M. (Henriëtte) Prast
Hoogleraar
h.m.prast@uvt.nl

Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen
Departement Financiering

bron: MeJudice

Tagged with:

Banken strenger bij hypotheekaanvragen

De kredietcrisis heeft banken voorzichtiger gemaakt bij het verstrekken van hypothecaire leningen. Die stellige indruk krijgt directeur Jan Fokkema van de belangenorganisatie voor projectontwikkelaars Neprom. ,,Banken zitten zo sterk op hun geld. Dat is erg onhandig voor de woningmarkt”, zo stelde hij donderdag.

Strenger
Volgens Neprom zijn banken de laatste zes tot acht weken strenger geworden in het navolgen van de anderhalf jaar geleden opgestelde gedragscode voor banken. Daarin werden extra strenge inkomenscriteria opgenomen. ,,Het zijn richtlijnen, die ruimte voor interpretatie overlaten. Onze indruk is dat banken ze nu meer naar de letter naleven.”

Ontbonden contracten
Bij de Neprom aangesloten projectontwikkelaars zien onder meer een sterke stijging van het aantal ontbonden contracten. Fokkema is ervan overtuigd dat dat aan de banken ligt, hoewel het koopproces ook door consumenten afgebroken kan worden. ,,Wij gaan af op geluiden die we horen van onze leden.”

Terughoudendheid onnodig
De terughoudendheid van banken is onhandig, omdat het ervoor zorgt dat er minder koopcontracten worden gesloten en daardoor minder mensen doorschuiven. Nieuwe projecten komen door de bancaire voorzichtigheid niet van de grond en de woningproductie zakt in. ,,Het inzakken van de productie zal in de toekomst weer leiden tot stijgende huizenprijzen, aangezien er nog steeds sprake is van een tekort”, aldus Fokkema.

bron: ANP

Tagged with: , ,

Riant inkomen en toch in het rood

Een financiële storm raast door Groot-Brittannië. Economen voorspellen dat de Britse recessie dieper zal zijn en langer zal duren dan in welk Europees land ook. En het zijn niet alleen de allerarmsten die last hebben van de groeiende economische problemen.

Het begon met de tarieven voor de kinderopvang die met enkele tientjes omhoog gingen. Het boodschappenmandje in de supermarkt werd ook steeds duurder en de energieprijzen bereikten recordhoogten. En dat was nog vóór de kredietcrisis in alle hevigheid losbarstte.

Op het eerste gezicht zou je denken dat het gezin Buckels-Kirk, bestaande uit vader, moeder en twee zoons, een economische dip kan weerstaan. Vader John Buckels en moeder Juliet Kirk werken fulltime in de farmaceutische industrie en hebben samen een redelijk inkomen; zeker voor Nederlandse begrippen. Hun kinderen, Alex (3) en Cameron (2), gaan doordeweeks naar de kinderopvang of naar oma.

Dat laatste gebeurt steeds vaker, omdat het zelfs voor een middenklassegezin als dit steeds moeilijker wordt. ,,De benzineprijzen werden zo hoog dat we onze auto moesten omruilen voor een kleinere. De centrale bank mag dan de basisrente hebben verlaagd, veel banken verhogen juist de hypotheekrente. We betalen nu 1000 pond per maand (1230 euro). Nog niet zo lang geleden betaalden we enkele honderden ponden minder aan onze hypotheek.”

Tel daarbij op de hoge prijzen voor voedsel en energie en je ziet dat niet alleen de armste Britten last hebben van de crisis. Vooral de prijzen voor elektriciteit en gas hakken erin. De energiebedrijven hebben het afgelopen jaar de prijzen tot 40 procent verhoogd. De olieprijs en de daaraan gekoppelde gasprijs mogen dan op dit moment razendsnel dalen, de energiemaatschappijen maken geen aanstalten hun prijzen te verlagen.

Zo kan het gebeuren dat de familie Buckels-Kirk ondanks haar riante inkomen elke maand in het rood staat. Ze is niet de enige. Steeds meer gezinnen hebben moeite de eindjes aan elkaar te knopen. Het enige lichtpunt lijken de dalende prijzen op de huizenmarkt. Immers, woningen worden weer betaalbaar na de krankzinnige explosie van de prijzen in de afgelopen tien jaar.

Schijn bedriegt echter. De banken zijn door de kredietcrisis doodsbenauwd geworden en lenen minder gemakkelijk geld uit. Bijna wekelijks worden de eisen aangescherpt. Het aantal verstrekte hypotheken is naar een absoluut minimum gezakt.

De familie Buckels-Kirk ondervond dat aan den lijve. Het gezin woont in een schattige cottage aan de rand van het pittoreske Canterbury in het zuidoosten van Engeland. Een mooie woning, maar wel heel klein. Juliet laat de bovenverdieping zien. Twee kleine slaapkamers en een piepkleine badkamer. ,,De jongens worden nu wat groter en we waren eigenlijk van plan te verhuizen, maar het is op dit moment onmogelijk een nieuwe hypotheek te krijgen.”

De huizenmarkt zakt langzaam in elkaar. De gemiddelde huizenprijs is sinds vorig jaar met 15 procent gedaald.

De financiële crisis lijkt steeds meer delen van de economie te beïnvloeden. De verkoop van auto’s is met een kwart gedaald en hotels zien scherpe daling van het aantal gasten. Steeds meer bedrijven geven winstwaarschuwingen af.

bron: AD.nl

Tagged with:

Voorlopige koop vaker afgeblazen

Zonder geld geen huis...Een voorlopige koopovereenkomst is op de woningmarkt minder waard geworden als gevolg van de financiële crisis. Steeds meer mensen moeten de koop van een huis noodgedwongen afblazen omdat zij de financiering niet rond krijgen of moeite hebben hun eigen woning te verkopen.

Dat zei een woordvoerder van de Nederlandse Vereniging van Makelaars (NVM) vandaag.

Precieze cijfers heeft de NVM nog niet. ,,Maar we merken wel dat meer voorlopige koopcontracten worden ontbonden door problemen met de financiering”, aldus de zegsman van de NVM. Banken zijn kritischer bij hypotheekaanvragen. Bovendien krijgen veel mensen minder voor hun eigen woning dan zij hadden gehoopt en duurt het langer voor zij een koper hebben gevonden.

bron: ANP

Tagged with:

Kwartaalbericht Woningmarkt van de Rabobank heeft leuke grafieken

In het nieuwste Kwartaalbericht Woningmarkt van de Rabobank staat dat in 2008 huizenprijzen met gemiddeld 1,5 procent stijgen, voor volgend jaar rekent Rabobank op een toename met 1 procent.

Begin dit jaar had men het nog over een groei van 3,25% voor 2008. Hieruit blijkt wel dat de propaganda van onderzoeker Martijn de Jong-Tennekes nooit uitkomt. Het lijkt mij verder niet nodig om hier nog veel woorden aan vuil te maken.

Wel stond het rapport weer vol leuke grafieken:

uitstaande hypotheekschuld

inkomen en maximale hypotheek

Prijzen koopwoningen

Hypotheekrentes verder omhoog

Volume hypotheekproductie

Bouwproductie

Tagged with: ,

Wouter Bos: ‘De woningmarkt heeft een boel overwaardering’

Wouter BosMinister Wouter Bos (Financiën) kijkt “met enige achterdocht” naar alle voorstellen die het kabinet momenteel krijgt om te hulp te schieten bij het opvangen van de gevolgen van de financiële crisis.

“Het is te vroeg om grootscheeps de geldbuidel te trekken”, zei Bos dinsdag in zijn wekelijkse gesprek bij RTLZ. Hij wees erop dat door de kredietcrisis de schatkist alleen maar minder gevuld raakt, waardoor het niet voor de hand ligt nu extra geld uit te geven. Hij gaf ook aan dat de Nederlandse huizenmarkt al jaren overgewaardeerd is. “Voor een heleboel mensen zijn lagere huizenprijzen een welkome ontwikkeling”

Wouter Bos geeft zijn mening over de woningmarkt

bron: RTL Z

Tagged with: , ,

Eigen woning zonder de grond te kopen

Het Bouwfonds Limburgse Gemeenten (BLG) wil volgend jaar op de markt komen met een constructie waarbij woningen ook zonder de onderliggende grond kunnen worden gekocht.

Het fenomeen, dat in de Randstad al langer bestaat, wordt inmiddels in de praktijk gebracht door makelaar Witte & Verheul uit Weert. Die biedt sinds afgelopen zaterdag een woning aan de Julianalaan in Weert aan, met twee vraagprijzen. Eén keer met grond (195.000 euro) en één keer zonder grond (157.000 euro).
In het laatste geval wordt de grond eigendom van een beleggingsfirma. De woningkoper krijgt vervolgens op de grond een eeuwigdurende erfpacht. Daarvoor moet hij wel een canon (soort huur) betalen, maar die ligt doorgaans 1 tot 1,5 procent lager dan de reguliere hypotheekrente.
Het BLG in Geleen is gecharmeerd van de nieuwe constructie en laat weten dat juristen bezig zijn de laatste haken en ogen te onderzoeken. “De wettelijke consequenties zijn nog niet allemaal in kaart gebracht”, aldus woordvoerder Peter Janssen.
De erfpachtconstructie is met name interessant voor starters omdat er een veel lagere hypotheek nodig is (157.000 in plaats van 195.000 euro). Daardoor kunnen woningen bereikbaar worden, die gezien het huidige salaris eigenlijk net te duur zijn. De koopruimte kan volgens ingewijden met meer dan 20 procent toenemen. De constructie biedt ook mogelijkheden aan mensen die al langer een woning hebben en de overwaarde in contanten willen hebben.

bron: Limburgs Dagblad

Tagged with: ,

Bouw krijgt komende jaren harde klappen

De bouw van nieuwbouwwoningen zal de komende twee jaar met bijna 20 procent afnemen. Dat stelt het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid (EIB) maandag in een tussentijdse raming.

Normaliter treedt het instituut niet naar buiten met tussentijdse ramingen. ‘We hebben nu te maken met uitzonderlijk grote aanpassingen’, zei directeur Taco van Hoek. De bouwmarkt als geheel zal de komende twee jaar 12 procent inleveren. Dit jaar realiseert de sector nog een groei van 1 procent.

De bouwsector zag de orderportefeuille niet eerder zo hard inzakken als in de maand september van dit jaar. ‘En dat in een pas langzaam verslechterende conjunctuur’, aldus Van Hoek. Daar moet wel bij aangetekend worden dat de orders op een behoorlijk hoog niveau stonden.

De werkgelegenheid in de bouw zal in 2009 en 2010 met 4,5 procent dalen, voorspelt het EIB. In eerste instantie zullen flexibele arbeidskrachten, zoals buitenlanders, daar de dupe van worden. Ook het MKB zal het gaan voelen, verwacht het EIB. ‘Er zijn 14.000 bedrijven actief in de bouw waarvan veel MKB. Die leveren vooral veel spullen aan voor de nieuwbouw. Het zou daar kunnen leiden tot faillissementen en verlies van werkgelegenheid.’

bron: ANP

Tagged with:
Top