Apr 16

ING Directeur Hypotheken & Intermediaire Bankzaken Peter Paul Wekking beantwoordt een aantal vragen over executieverkopen van woningen:

Leidt de crisis tot betalingsproblemen?

De kans dat iemand met een hypotheeklening problemen krijgt om die terug te betalen, wordt groter. Dat overkomt niet iedereen en ook niet iedereen die werkloos wordt. Maar een macro-economische wijsheid zegt dat wanneer de werkloosheid stijgt, ook het aantal huishoudens toeneemt dat moeite heeft de maandelijkse hypotheeklasten te voldoen.

Wat gebeurt er dan?

Als een klant niet betaalt, neemt de bank zo snel mogelijk contact met hem op. Peter Paul Wekking, directeur Hypotheken van ING, een van de grootste hypotheeknemers van Nederland: ‘Voorheen kon dat even duren, nu benaderen we de klant heel direct met de vraag: wat is er aan de hand?’ Na het antwoord volgt wat ING betreft de vervolgvraag: ‘Kunnen we je helpen?’ De oorzaak kan klein zijn, bijvoorbeeld zoekgeraakte nota’s. Het probleem kan ook groot zijn, bijvoorbeeld ontslag.

Wat als de oorzaak groot is?

De belangen van de klant en van de bank vallen samen: in het uiterste geval volgt een executieveiling, waarbij de bank minder krijgt dan het hypotheekbedrag. En de klant sleept, als hij geen Nationale Hypotheekgarantie (NHG) heeft, tot in lengte van jaren een restschuld achter zich aan. Grofweg zijn er drie manieren waarop het probleem kan worden aangepakt. Het paardenmiddel is een betalingsregeling waarbij de huiseigenaar geld van de bank leent om zijn hypotheeklasten te betalen. Soms kan de hypotheek aangepast worden om de maandlasten naar beneden te brengen. Een hypotheek met variabele rente wordt er dan een met een vaste rente. ‘Maar gezien de extreem lage variabele rente’, zegt Wekking, ‘is die oplossing nu wat lastig.’

En de derde manier?

Dat is een wat zachtere benadering waarbij de bank de klant adviseert, bijvoorbeeld om zo snel mogelijk een werkloosheidsuitkering aan te vragen. ‘Wat we ook doen, is de klant al zijn lasten op laten schrijven’, vertelt Wekking. Dan zeggen we: ga dit jaar eens niet op vakantie.’ Huiseigenaren die een nette betalingsgeschiedenis hebben, wil de bank in huis houden. Bij mensen met een hypotheek maar een aanzienlijk minder fraaie discipline, is de bank eerder geneigd zo snel mogelijk tot duidelijkheid te komen.

Wat houdt die duidelijkheid in?

De uiterste oplossing is de verkoop van het huis. Voorheen wachtte ING daar een jaar mee. Nu de verwachting is dat meer mensen te maken krijgen met betalingsproblemen, wil ING zo snel mogelijk duidelijkheid scheppen. ‘Dat is in ons belang en in het belang van de klant’, benadrukt Wekking. ‘Als het écht niet anders kan, kunnen we na een half jaar overgaan tot gedwongen verkoop, maar alleen met medewerking van de klant.’ Eerder was die termijn een jaar. Hoe minder het huis de uitstraling heeft van een gedwongen verkoop, hoe gunstiger de prijs die voor het huis wordt betaald.

Is die procedure voor iedereen gelijk?

Bij veel mensen met een NHG-hypotheek gaat pas na vier maanden betalingsachterstand een alarm. Dan krijgt zo’n huiseigenaar een waarschuwing dat als hij zijn verplichtingen niet nakomt hij daadwerkelijk kan worden gedwongen zijn huis te verkopen. Ook krijgt hij te horen dat de bank het huis via een executieverkoop na zeven maanden kan verkopen.

Voor alle andere hypotheken geldt geen wettelijke termijn voor gedwongen verkoop, maar er zijn wel gebruiken. Bijvoorbeeld dat na twee maanden achterstand de klant schriftelijk en vaak aangetekend wordt gewaarschuwd. Komt er dan geen reactie of wordt de situatie snel zorgelijker, dan komt de klant bij de afdeling bijzonder beheer van een bank.

Wanneer, en of de bank gaat dreigen met executieverkoop hangt af van de klant. Is die onbereikbaar of weigerachtig, dan is een veiling zo geregeld. Het helpt dan niet als de maandelijkse hypotheekverplichtingen groot zijn, bijvoorbeeld omdat er sprake is van een tophypotheek. Maar als de klant de indruk wekt de achterstand snel in te zullen lopen, dan praat niemand over een executieverkoop.

Peter Paul Wekking was een jaar geleden nog erg positief

bron: de Volkskrant