Nov 20

KVS

Een groep economie die advies uitbrengt aan de overheid pleit voor het afschaffen van de hypotheekrenteaftrek.

Openbreken huizenmarkt
Weg met de hypotheekrenteaftrek. Daardoor zit de woningmarkt drastisch op slot en er moeten drastische maatregelen genomen worden om de markt open te breken. Het is een opmerkelijk geluid, afkomstig van de Koninklijke Vereniging voor Staathuishoudkunde, een groep wijze mannen, die adviezen uitbrengt aan de overheid.

reactie RTL Z

Hun conclusie:

Het risicoprofiel van de Nederlandse economie is in de afgelopen 15 jaar sterk toegenomen. Dit is enerzijds het gevolg van het toenemende aandeel van risicovolle beleggingen van pensioenfondsen, maar anderzijds ook van de enorme waardestijging van het eigenwoningbezit.

De eigen woning maakt meer dan de helft uit van het gemiddelde financiële vermogen van huishoudens. Samen met de aanzienlijke hypothecaire schulden is de ‘risico-exposure’ flink toegenomen. Dat huizenprijzen niet alleen stijgen maar ook kunnen dalen, leren de recente ervaringen in het buitenland. Een daling van de huizenprijs met bijvoorbeeld 10% zal op korte termijn de consumptie met 2% kunnen doen dalen, met als gevolg dat de productie terugloopt en de werkloosheid stijgt.

De huizenprijs kan niet alleen dalen door exogene in-vloeden. Ook hervorming van de − hoge − fiscale subsidies op wonen hebben een weerslag op de huizenprijs. Terwijl op lange termijn een lichte welvaartswinst (in termen van efficiënte productie) van ¼% van het nationaal inkomen mag worden verwacht en een consumptiestijging van 2%, zetten de dalende huizenprijzen (10%) op korte termijn de consumptie (− 1,7%) en het BBP (− 0,5%) onder druk. Bij de korte termijn effecten wordt ervan uitgegaan dat de overheid het begrotingssaldo ongewijzigd laat. Om de inkomsten van de overheid bij de inzakkende economie op peil te houden moeten de belastingtarieven worden verhoogd.

De bestedingseffecten op korte termijn zouden kunnen worden verzacht door de tegenvallende inkomsten te laten doorwerken in een groter overheidstekort. Ook vanuit lange termijn perspectief valt er in theorie iets voor te zeggen om een ruimer schuldbeleid te voeren. Doordat de lasten van de hervorming (lagere fiscale aftrek) volledig worden gekapitaliseerd in de huidige huizenprijzen, terwijl de baten (lagere belastingen) over de toekomst worden uitgesmeerd, ondervinden huidige generaties nadeel van de hervorming terwijl de toekomstige generaties profiteren. Anders gezegd, door de daling van de huizenprijs ontvangen huidige generaties minder van toekomstige generaties, waardoor de verdeling ten voordele van toekomstige generaties verschuift. Ook dit kan een reden zijn om bij de schuldpolitiek een tandje minder streng te zijn, en op korte termijn een groter tekort te accepteren.

Er zijn echter andere redenen om niet te hard van stapel te lopen met verruiming van het budgettaire beleid. Ten eerste wordt het vermogensverlies op huizen voor een belangrijk deel al direct doorgeschoven naar toekomstige generaties via lagere erfenissen. Ten tweede leidt de lagere huizenprijs ook via de vermogens van wooncorporaties tot inkomensdaling voor toekomstige generaties. Vroeg of laat moet immers de vermogensdaling van corporaties tot uitdrukking komen in hogere (of minder lage) huren of lagere voorzieningen voor toekomstige generaties. Ten derde kan worden bedacht dat juist dezelfde babyboomers sterk hebben geprofiteerd van de huizenprijsstijgingen in de jaren ’90.

Tenslotte is schuldpolitiek een nogal ongericht middel om huidige generaties te ontzien. Immers, niet alleen huizenbezitters maar alle huishoudens profiteren van lagere belastingen (of hogere uitgaven). Het ligt daarom meer voor de hand om meer gerichte oplossingen te zoeken. bijvoorbeeld door fasering in de vorm van onderscheid tussen oude en nieuwe gevallen. Door de hervorming in te laten gaan voor de nieuwe eigenwoningbezitters kan een meer gelijkmatige intergenerationele verdeling van de lasten worden bereikt.

bron: kvsweb.nl