Apr 2

Miljoenen huiseigenaren met aflossingsvrije hypotheken moeten worden aangespoord om af te lossen. De Autoriteit Financiële Markten (AFM) vindt dit nodig om problemen te voorkomen. Gelijktijdig komt de president-directeur van De Nederlandsche Centrale Bank, Klaas Knot in de media omdat hij vindt dat er nog altijd te veel geleend en te veel gespaard wordt in Nederland.

De AFM onderzoekt samen met twee hypotheekverstrekkers hoe de huiseigenaren tot aflossing te bewegen zijn. Een groot deel van de Nederlanders heeft een hypotheek die helemaal of voor een deel aflossingsvrij is. De AFM is bang dat veel van die huiseigenaren na dertig jaar, als de renteaftrek vervalt, de woonlasten niet meer kunnen opbrengen en onder dwang hun huis moeten verkopen. Het aflossen van de schuld aan het einde van de looptijd kunnen veel huiseigenaren echter vaak niet opbrengen. Het bedrag is dan vaak meer dan een ton.

DNB pleit voor een verdere afbouw van de hypotheekrenteaftrek en van de maximale omvang van een lening ten opzichte van de waarde van een huis. Ook vindt De Nederlandsche Bank (DNB). net als het Centraal Planbureau dat er een nieuwe belasting op het eigen huis moet komen.

 

Bron: BNR, Volkskrant, Parool.nl

Oct 25

Tijdens het Rondetafelgesprek Geldstelsel gaven Reinier Pollmann (Autoriteit Financiële Markten) en Dirk Bezemer (Rijksuniversiteit Groningen)  de VVD een lesje over de Nederlandse huizenmarkt. De VVD krijgt tevens de opdracht om de huizenmarkt nu eens echt aan te pakken omdat deze de stabiliteit van Nederland bedreigt.

VVD: Wir haben es nicht gewusst

AFM: Jonge generaties worden gedwongen veel te lenen

bron:

 

 

 

Apr 8

Als bestaande aflossingsvrije hypotheken niet worden omgezet in een of andere variant, waarbij een deel van de schuld wordt afgelost, dan komen zeer veel gezinnen in financiële problemen. Om die reden moeten banken en woningbezitters met elkaar om de tafel gaan zitten om hun hypotheken om te zetten.

Dat zegt voorzitter Hans Hoogervorst van de Autoriteit Financiële Markten (AFM). Hij wil nu al veel verder gaan dan minister De Jager, die kortgeleden aankondigde dat per 1 augustus er geen nieuwe volledig aflossingsvrije hypotheken meer mogen worden afgesloten. Het aflossingsvrije deel mag dan maximaal de helft van de marktwaarde zijn.

Hoogervorst maakt zich grote zorgen over het enorme aantal aflossingsvrije leningen dat de afgelopen decennia is afgesloten. Bij deze hypotheekvorm betalen huizenkopers weliswaar maandelijks rente, maar geven ze geen cent uit aan aflossing. Zij hebben zo een optimaal fiscaal voordeel.„Heel veel woningeigenaren beseffen helemaal niet dat ze zo’n hypotheek hebben”, zegt de vertrekkende AFM-voorzitter in een afscheidsinterview met deze krant. Hij benadrukt dat na de looptijd de hypotheekschuld nog helemaal openstaat. „Die som moet echt wel afgelost worden.” De vraag is af men daartoe dan in staat is. Als grote groepen huizenbezitters in problemen komen en er gedwongen verkopen volgen, zou dit op termijn een bom onder de huizenmarkt betekenen.

bron: Telegraaf.nl

Aflossingsvrij helemaal weg - Binnenland | Het laatste nieuws uit Nederland leest u op Telegraaf.nl [binnenland]
Aug 17

Een op de vier adviezen voor een hypotheek schiet tekort, zo blijkt uit onderzoek van de Autoriteit Financiële Markten (AFM). Vooral bij het oversluiten van hypotheken gaan adviseurs de fout in. Bij advies over vermogensopbouw slaat bijna de helft de plank mis. Overkreditering komt in 25% van de gevallen voor.

De volgens het AFM meest gemaakte fouten staan hieronder toegelicht:

Bij ruim éénderde van de oversluitadviezen wordt geen kwantitatieve vergelijking gemaakt tussen de oude en de nieuwe hypotheek. Zonder die vergelijking is het onmogelijk om vast te stellen of oversluiten in het voordeel van de consument is. Dit kan met name dan schadelijk zijn als ook een bijbehorende polis overgesloten wordt. Gezien de kosten die daarmee in veel gevallen gemoeid zijn, valt zonder kwantitatieve vergelijking nog maar te bezien of het oversluiten van de polis zowel financieel als wat de overige doelstellingen van de consument betreft een passend advies oplevert.

Verder blijkt bij het adviseren over de aflossing (vermogensopbouw), dat in bijna de helft van de gevallen het advies niet passend is, waardoor de consument bijvoorbeeld meer risico neemt dan bij hem of haar past. In ruim driekwart van de gevallen wordt bij deze adviezen de juiste en relevante informatie verstrekt. Dit betreft voor een groot deel adviezen, waarbij de financiële dienstverlener de opbouw van het vermogen waarmee afgelost zal worden, plaats laat vinden door te beleggen.

Bij de adviezen waar de dekking van het overlijdensrisico is geadviseerd in combinatie met het opbouwen van doelvermogen in de vorm van een gemengde verzekering wordt in ruim de helft van de beoordeelde adviezen de financiële positie niet in kaart gebracht in het geval van overlijden van één van de aanvragers. De financiële dienstverlener heeft daardoor niet kunnen berekenen in hoeverre de financiële positie van de consument na overlijden van één van de aanvragers toereikend is.

Ten aanzien van de juiste behandeling van fiscaliteit zijn verbeteringen vooral mogelijk wat betreft de juiste verwerking van de maximale fiscale aftrek van 30 jaar (vanaf 2 001), de bijleenregeling en het niet aftrekbaar zijn van het consumptief te besteden deel van het hypothecair krediet.

De Wet op het financieel toezicht eist onder meer van de adviseur dat hij:

  • informatie inwint over de consument (het klantprofiel);
  • in zijn advies voor zover redelijkerwijs mogelijk rekening houdt met deze informatie (passend advies);
  • informatie verstrekt aan de consument over zijn dienstverlening en het geadviseerde product; en
  • het klantprofiel en de productgegevens vastlegt en tenminste een jaar bewaart.

De AFM schat dat maximaal een op de tien adviseurs met opzet de klant verkeerd adviseert om zelf provisie op te kunnen strijken.

AFM-bestuurder Theodor Kockelkoren in het televisieprogramma Rondom 10

 

bron: AFM

tussenpersonen en bonussen..

Aug 2

Logo Autoriteit Financiële Markten

De Autoriteit Financiële Markten (AFM) is toezichthouder op het gedrag van en de informatieverstrekking door
alle partijen op de financiële markten in Nederland. Zij komt tot de onderstaande conclusie over het leengedrag van de Nederlandse huishoudens:

Huishoudens lopen risico als de rente gaat stijgen
Huishoudens hebben consumptieve en hypothecaire kredieten die (op termijn) duurder worden als de rente stijgt. Hierdoor kunnen zij in betalingsproblemen komen. Dit rapport onderzoekt de gevolgen voor de Nederlandse huishoudens van een mogelijke rentestijging:

  • het geeft aan hoe de rente zich kan ontwikkelen. Nota Bene: de AFM doet geen eigen voorspelling, maar gebruikt de voorspelling van de OESO. Daarnaast is een historisch schokscenario afgeleid;
  • het laat zien welke groepen nu problemen hebben en hoe die bij een rentestijging verergeren;
  • het helpt huishoudens bij de bewustwording van het risico en de eigen verantwoordelijkheid te nemen.

De impact van een rentestijging op huishoudens is aanzienlijk
Er zijn in Nederland veel huishoudens met consumptieve en hypothecaire schulden. Door de gestegen huizenprijzen van de afgelopen jaren hebben veel huishoudens hoge hypothecaire leningen afgesloten. Financiële instellingen hebben hogere hypotheken verstrekt dan ze ongeveer 10 jaar geleden zouden hebben gedaan bij hetzelfde inkomen. Verstrekten ze destijds ten hoogste driemaal het bruto inkomen aan hypotheek, de afgelopen jaren was een maximum van vijfmaal gebruikelijk. Daarbij werd het mogelijk bij de financiering tevens een eventueel tweede inkomen van een huishouden mee te rekenen. Huishoudens hebben hun huizen ‘scherper’ gefinancierd, waardoor zij gevoeliger zijn geworden voor een rentestijging. Een andere factor die huishoudens gevoeliger maakt voor een rentestijging, is de toenemende keuze voor variabele rente.

Bij het huidige renteniveau heeft (naar verwachting) een groep van ongeveer 180.000 huishoudens betalingsproblemen als gevolg van hypothecaire schulden Afhankelijk van de hoogte van het inkomen is het verantwoord dat huishoudens 22% tot 30% van het besteedbaar inkomen aan hypotheeklasten betalen. Het besteedbaar inkomen is het inkomen na aftrek van belastingen en premies. Deze budgettaire ruimte heeft het NIBUD[1] berekend na aftrek van de normale dagelijkse uitgaven, zoals voedsel, kleding, telefoon, gezondheidszorg en dergelijke. Een groep van naar schatting 180.000 huishoudens betaalt bij de huidige rente gemiddeld tussen de 30% en 40% van het besteedbaar inkomen aan hypotheeklasten. Dit zijn gemiddelden. Er zijn dus huishoudens die beter maar ook slechter af kunnen zijn. Gemiddeld genomen overschrijdt de groep van 180.000 huishoudens de budgettaire ruimte voor hypotheeklasten en ondervinden daardoor betalingsproblemen. Zij moeten (drastisch) bezuinigen op andere uitgaven of interen op eventueel aanwezig vermogen. Als dit niet langer lukt en geen extra schulden kunnen worden aangegaan, dan komen deze huishoudens in de schuldhulpverlening terecht en kan (nood)gedwongen het huis worden verkocht.
Als de hypotheekschuld hoger is dan de waarde van het huis, dan blijven huishoudens met een restschuld zitten.

Als de rente met 2 procentpunt stijgt, kunnen ruim 80.000 huishoudens extra in betalingsproblemen komen

Hogere rente betekent hogere hypotheeklasten. Bij variabele rente is dit onmiddellijk het geval, bij een rentevaste termijn werkt de rentestijging pas door bij het aflopen van deze termijn. Huishoudens kunnen hogere lasten opvangen met hun inkomen of hun vermogen. Als het scenario wordt genomen waarbij de rente tot het einde van 2006 met 2 procentpunt stijgt, dan heeft een groep van naar schatting ruim 80.000 huishoudens
onvoldoende inkomen of vermogen om een rentestijging te kunnen opvangen. Deze groep komt boven op de groep van naar schatting ongeveer 180.000 huishoudens die bij de huidige rentestand al moeite heeft de maandelijkse lasten op te brengen. In het totaal kunnen naar schatting ruim 260.000 huishoudens van de in totaal 7 miljoen huishoudens door een rentestijging uiteindelijk in ernstige betalingsproblemen komen.
Dit is bijna 9% van de ongeveer 3 miljoen afgesloten hypotheken.

bron: AFM