De Nederlandsche Bank en covered bonds

De huizenmarkt staat onder druk. Dit vergroot de financiële risico’s voor huishoudens, die al kwetsbaar zijn door hun hoge schuldpositie. Het huidige fiscale regime stimuleert het aangaan van schuld en ontmoedigt aflossing.

Voor financiële instellingen is de situatie eveneens onzeker. Als verbetering van het economisch klimaat uitblijft, lopen de potentiële verliezen op, terwijl de mogelijkheden afnemen om via winstinhouding de buffers te versterken. De structuur van de huizenmarkt werkt ook door op de positie van banken. De omvangrijke hypothecaire kredietportefeuilles van Nederlandse banken zijn te groot om volledig te financieren met spaargeld. Daarom zijn banken aangewezen op kapitaalmarktfinanciering, die onder druk staat. Financiers verlangen steeds vaker onderpand. De stagnerende huizenmarkt verkleint de mogelijkheden om financiering aan te trekken verder.

depositofinancieringsgat

De hypothecaire leningen van Nederlandse huishoudens zijn fors in vergelijking met andere Europese landen. De hoeveelheid spaargeld bij banken is in lijn met het Europese gemiddelde. Het verschil tussen deze deposito’s en de kredietverlening aan huishoudens en bedrijven, het zogeheten deposito-financieringsgat, is voor Nederlandse banken daarmee groter dan voor andere Europese banken, en bedraagt circa EUR 480 miljard Het gevolg van dit financieringsgat is dat banken afhankelijk zijn van alternatieve financieringsbronnen. In het verleden was marktfinanciering een relatief goedkope  manier om dit gat te dichten. Fiscale voordelen voor vreemd vermogen, korte looptijden die het risico voor financiers beperkten, en de perceptie van marktpartijen dat overheden banken niet failliet laten gaan, zorgden ervoor dat banken lage vergoedingen voor financiering betaalden. Marktfinanciering met een korte looptijd kan echter razendsnel opdrogen, zoals bleek tijdens het stilvallen van de interbancaire markt in 2008 en uit het feit dat ook in de zomer van 2011 financieringscondities fors zijn verslechterd. Ook de animo van investeerders voor het verschaffen van langetermijnfinanciering, waarvan de risico’s minder gemakkelijk zijn te overzien, is sterk afgenomen.

gedekte obligaties

De nieuwe Bazelse regelgeving vereist dat het financieringsgat gedicht wordt met langere financiering. Een trend die zich in de afgelopen periode heeft doorgezet is het aantrekken van lange financiering via de uitgifte van gedekte obligaties (grafiek 21). Hierbij geven instellingen een deel van de hypothecaire portefeuille in onderpand. Door de hoge LTV-ratio’s in combinatie met het grote percentage aflossingsvrije hypotheken in Nederland moet de waarde van het onderpand ruim boven de waarde van de aangetrokken lening liggen om investeerders voldoende zekerheid te bieden. Gedekte financiering geldt als een stabiele financieringsvorm, omdat investeerders zo goed als geen risico op verlies lopen.

Deze zekerheid gaat echter ten koste van die van overige vermogensverschaffers, inclusief depositohouders. Door de preferente beklemming van de hypotheken die als onderpand zijn afgegeven, beschikken overige vermogensverschaffers bij een faillissement over een kleiner deel van de balans, en lopen dus een groter risico hun geld te verliezen. In het ergste geval komt een deel van de verliezen terecht bij het depositogarantiestelsel. Gezien de huidige spanningen op de financieringsmarkten is het begrijpelijk dat banken hun toevlucht zoeken tot gedekte financiering. Toch is hier terughoudendheid gewenst, om in de toekomst toegang te behouden tot ongedekte financiering zonder overheidsachtervang.

De structuur van de Nederlandse bankensector maakt de toegang tot financiering kwetsbaar voor problemen met de hypothecaire activa. Een daling van huizenprijzen zal de uitgifte van met hypotheken gedekte obligaties bemoeilijken, terwijl significante kredietverliezen kunnen leiden tot bijstortverplichtingen aan de obligatiehouders. Oplopende verliezen zullen het uitgeven van securitisaties en het aantrekken van verschillende vormen van financiering met minder zekerheden lastiger en duurder maken. Om het vertrouwen van financiers te borgen, zullen instellingen hun buffers verder moeten versterken, of de financieringsbehoefte geleidelijk moeten afbouwen.

bron: DNB

Share Button