Honderdduizenden huiseigenaren hebben de afgelopen jaren een woonlastenverzekering tegen werkloosheid of arbeidsongeschiktheid afgesloten die praktisch niets waard is.
De uitkeringen van deze verzekering is bijna nihil omdat de inleg naar nu blijkt vrijwel helemaal opgaat aan provisies, net zoals bij talloze andere polissen de afgelopen jaren is gebleken. De Vereniging Eigen Huis heeft talloze klachten van gedupeerden gekregen. Daarom start de organisatie vandaag een speciaal meldpunt. “Deze verzekeringen zijn schandalig. Daarom verzamelen we de komende twee maanden alle meldingen om samen een vuist te maken tegen de verzekeraars”, aldus VEH-zegsman Hans André de la Porte.
Het gaat om woonlastenverzekeringen die voor 2007 samen met een hypotheek zijn afgesloten. Door de economische malaise raken steeds meer huiseigenaren hun baan kwijt en moeten ze een beroep doen op deze verzekering.
Een woonlastenverzekering keert maandelijks of ineens een bedrag uit als de verzekerde minder inkomen heeft door arbeidsongeschiktheid of werkloosheid, zodat de hypotheeklasten betaald kunnen worden.
Het kopen van een eigen woning is voor de meeste huishoudens verreweg de belangrijkste financiële verplichting die zij in hun leven aangaan. Anderzijds vormt het eigen huis voor veel huishoudens de mogelijkheid bij uitstek om een eigen vermogen op te bouwen. De keerzijde hiervan is dat een individuele eigenaar-bewoner – al dan niet bewust – ook grote financiële risico’s aangaat.
In de jaren negentig heeft zich in Nederland een stormachtige ontwikkeling op de koopwoning- en de hypotheekmarkt voorgedaan. De verkoopprijzen verdubbelden, de uitstaande hypotheekschuld verviervoudigde in deze periode. In Europees perspectief gezien veranderde Nederland van een bescheiden middenmoter tot koploper in termen van onder meer de uitstaande hypotheekschuld.
Een onverwachte daling van het inkomen op huishoudniveau, door werkloosheid, scheiding of anderszins, al dan niet in combinatie met een ‘crisis’ op de koopwoningmarkt, kunnen eigenaar-bewoners in grote problemen brengen. Zie onder meer de ervaringen in Nederland begin jaren tachtig en Denemarken, het Verenigd Koninkrijk en Zweden begin jaren negentig.
het geleende bedrag is hoog in relatie tot de waarde van het onderpand (‘Loan to Value Ratio’). Hierdoor kan bij een gedwongen verkoop een hogere restschuld ontstaan
het geleende bedrag is hoog in relatie tot het inkomen van de huizenkoper (’Loan to Income Ratio’). Hierdoor kunnen klanten bij een stijgende rente eerder in de financiële problemen komen omdat zij een groot deel van hun inkomen aan rentelasten moeten besteden.
Met de voorspoedige economische groei vanaf het midden van de jaren negentig lijken eigenaar-bewoners, in binnen- en buitenland, steeds meer bereid om grote schulden aan te gaan om een eigen woning te kopen; voor veel eigenaar-bewoners is een hypotheek zelfs niet langer meer synoniem met een schuld. De koopwoning wordt gezien als één van de beste, zo niet de beste, belegging voor het gemiddelde huishouden. De bijbehorende kosten en risico’s zijn geleidelijk naar de achtergrond gedrongen; de kansen op vermogenswinsten en ontologische voordelen (vrijheid, zekerheid) worden hoe langer hoe meer benadrukt.
Nederlandse eigenaar-bewoners hebben in Europees perspectief gezien een inhaalslag gepleegd ten aanzien van de hypothecaire financiering van het eigenwoningbezit. In veel opzichten was Nederland medio jaren tachtig een bescheiden middenmoter (De Nederlandse Bank, 1999). Inmiddels zijn Nederlandse eigenaar-bewoners koploper in Europa. De uitstaande hypotheekschuld in Nederland is met ruim € 580 miljard (2007) inmiddels hoger dan de staatsschuld, en in procenten van het bruto nationaal product nop een historische hoogtepunt gekomen (98 procent versus nog geen 40 procent in 1990). Alleen Denemarken kan ons land nog enigszins bijhouden
De economische recessie eind jaren zeventig (oliecrisis) en de ineenstorting van de koopwoningmarkt eind jaren zeventig in diverse landen. Een sterk oplopende werkloosheid en hypotheekrente (De rente liep toen op naar 13 procent. ) leidde er toe dat een groot aantal eigenaar-bewoners in ernstige betalingsproblemen kwam. De crisis op de koopwoningmarkt die hiervan mede het gevolg was, leidde er op haar beurt toe dat de vermogenswinsten waar men op hoopte, omsloegen in zeer concrete vermogensverliezen. Op de top waren er jaarlijks 2500 gedwongen verkopen. Tussen 1979 en 1984 moest de Rijksoverheid, die toen nog garant stond, 450 miljoen gulden uitkeren. En daarbij moet je bedenken dat veel minder mensen toen een eigen huis hadden. Ondanks dat bleef het eigen huis in veel landen de norm.
De vermogenspositie van Nederlandse huishoudens is verbeterd dankzij stijgende huizen- en aandelenprijzen. Daar tegenover staat een verdere toename van de uitstaande schulden. Hoewel de hypothecaire kredietverlening recentelijk wat afzwakt, is de uitstaande hypotheekschuld inmiddels toegenomen tot bijna eur 500 miljard, in omvang vergelijkbaar met het bruto binnenlands product. De verhouding tussen de omvang van de gemiddelde hypotheeklening en het gemiddelde bruto inkomen (loan-to-income ratio) is voor alle uitstaande hypotheken toegenomen van iets minder dan 120% in 2000 naar ruim 170% in 2006 (grafiek 9).
Men kan in twee gevallen spreken van een tophypotheek:
1. het geleende bedrag is hoog in relatie tot het inkomen van de huizenkoper (‘Loan to Income Ratio’). Hierdoor kunnen klanten bij een stijgende rente eerder in de financiële problemen komen omdat zij een groot deel van hun inkomen aan rentelasten moeten besteden.
2. het geleende bedrag is hoog in relatie tot de waarde van het onderpand (‘Loan to Value Ratio’). Hierdoor kan bij een gedwongen verkoop een hogere restschuld ontstaan.
Door de toegenomen schuld worden huishoudens gemiddeld kwetsbaarder voor financiële schokken, zoals geïllustreerd in het mondiale-correctiescenario en in het huizenmarktscenario.
De recente ontwikkelingen in de Verenigde Staten, maar ook die in Nederland van rond de eeuwwisseling, tonen dat afvlakkende groei van de huizenprijzen een negatief effect kan hebben op de particuliere consumptie.
Hiertegenover staat een verminderde rentegevoeligheid van Nederlandse huishoudens met een hypotheeklening, omdat sinds 2005 het aandeel van nieuwe hypotheken met een rentevaste periode van tien jaar en langer duidelijk is gegroeid ten koste van het aandeel variabele/kortlopende hypotheken (grafiek 10).
De gemiddelde loan-to-income ratio van nieuw afgesloten hypotheken ligt met circa 550% substantieel hoger dan het gemiddelde van de gehele hypotheekvoorraad.
Dit betreft een opmerkelijke toename ten opzichte van het toch al hoge gemiddelde voor nieuwe hypotheken aan het begin van deze eeuw (grafiek 9). Vanwege de gemiddeld hogere schuld zouden vooral nieuwe huiseigenaren (starters) geraakt kunnen worden door het mondiale-correctiescenario en het huizenmarktscenario. Voor de starters die zich relatief kort hebben gefinancierd zou een forse rentestijging
tot een substantiële verhoging van de maandelijkse woonlasten kunnen leiden, met mogelijk negatieve consequenties voor het bestedingspatroon. Daarnaast is de kans dat bij een gedwongen woningverkoop (bijvoorbeeld bij werkloosheid of echtscheiding) een restschuld overblijft het grootst bij starters.
Ter vermindering van de financiële kwetsbaarheid van huishoudens, met name starters, is de in werking treding van de aangescherpte Gedragscode Hypothecaire Financieringen per 1 januari 2007 een positieve ontwikkeling. Deze code is in de loop van 2006 aangescherpt in overleg tussen de Minister van Financiën en de hypothecaire
financiers, nadat onder meer dnb zorg had uitgesproken over het aanhoudend oplopen van de loan-to-income- en de loan-to-value-ratio’s in de hypothecaire kredietverlening. dnb bekijkt in samenwerking met andere betrokken instanties zorgvuldig of de Gedragscode door de hypotheekkrediet verstrekkende instellingen
in de praktijk wordt nageleefd.
De onderstaande tekst komt uit een verslag van een Scandinavische bank: “In my opinion, the changes to the housing mortgage market in recent years will mean a continued increase in household debt for some time yet. But even though I have a competitive spirit, I do hope we won’t manage to topple Denmark and the Netherlands from the top of the debt league.”
“Stichting Pensioenfonds ABP is het pensioenfonds voor werknemers en werkgevers in de sector overheid en onderwijs. Met een belegd vermogen van € 217 miljard (eind 2007) is ABP één van de grootste pensioenfondsen ter wereld”.
Willem Middelkoop weet te melden dat ABP minstens 5% van dit bedrag in derivaten heeft belegd. Het is dus maar de vraag over er nog wel voldoende geld is als u met pensioen gaat.
Ook Aegon zit met 27 miljard in de Amerikaanse huizenmarkt. Het ploffen van de Amerikaanse economie zal dus ook grote gevolgen hebben voor de Nederlandse economie.
Ik ben dit weblog begonnen om te waarschuwen voor de gevaren van onze kenniseconomie consumptie-economie (65% = consumptie). De schuldgraad van de Nederlandse huishoudens is enorm hoog geworden, zo hoog dat een groot aantal Nederlanders inmiddels slaaf van "de bank" is. Wil je als starter een huis gaan kopen, dan kun je beter wachten tot de huizenbubble is
leeggelopen.
hypotheekschuld Ned. in 1996: 138 miljard euro
hypotheekschuld Ned. in 2009: 609 miljard euro
De waarde die tegenover de schulden staat is een virtuele waarde, dat is een waarde die is ontstaan omdat centrale banken zoveel geld hebben gecreëerd en nieuwe kredieten en hypotheken zo makkelijk mogelijk maken. Als er een crisis in het kredietsysteem ontstaat zoals nu en krediet niet meer makkelijk beschikbaar is dan gaat die waarde die je met krediet moet financieren zoals onroerend goed erg dalen maar de schulden die zijn uitgegeven blijven staan. bron: Willem Middelkoop
Wat kan een daling veroorzaken?
Een scherpere correctie zou kunnen optreden door een snel afnemend consumentenvertrouwen, toenemende verwachtingen van prijsdalingen en een significante toename van de hypotheekrente bron: De Nederlandse Bank
Hypotheekschuld
De hypotheeklasten zijn zo enorm - in totaal 278 miljard euro (inmiddels al meer dan 600 miljard!), per inwoner veruit het hoogst ter wereld - moet nu côute que côute voorkomen worden dat de huizenprijs fors keldert. ,,Het is zonde dat de politiek halverwege de jaren negentig niet begonnen is met geleidelijke beperking van de renteaftrek. Dat had de oververhitte markt kunnen afkoelen.”
bron: prof.dr. Peter Boelhouwer
Afschaffing Hypotheekrenteaftrek
De argumenten voor afschaffing worden volgens Nout Wellink steeds 'dwingender', vooral omdat de aftrek de markt verstoort. Aan het oorspronkelijke doel van de regeling, het stimuleren van het eigen huizenbezit, draagt de regeling al lang niet meer bij, stelt Wellink. "Waar het op neerkomt, is dat mensen die een huis bezitten aan elkaar de bonus van de hypotheekrenteaftrek doorschuiven. Voor hen is er geen probleem. Maar starters op de woningmarkt komen hier niet meer tussen, of zij moeten zich diep in de schulden steken om die bonus te betalen."
bron: nu.nl (2006)
Wat zegt NIBC?
In een rapport uit september 2007 becijferden analisten van zakenbank NIB Capital (NIBC) dat de ‘luchtbel’ in de Nederlandse huizenprijzen groter is dan in de VS. Hierbij spelen de hoge schuldratio’s van ons land een belangrijke rol: zo is de uitstaande hypotheekschuld in verhouding tot het net national income in Nederland (120%) beduidend hoger dan in Amerika (nog geen 90%).Volgens NIBC zou dit gegeven als zodanig niet per definitie problematisch hoeven te zijn, als een flinke spaarpot tegenwicht bood aan de torenhoge schuld. Maar hoewel de spaartegoeden toenemen, is de schuldenlast in Nederland door de jaren heen steeds zwaarder geworden. Eind jaren tachtig van de vorige eeuw bedroegen de schulden van de Nederlanders niet meer dan 80% van de uitstaande spaartegoeden. Ofwel, de Nederlanders spaarden meer dan dat ze leenden. Inmiddels zijn de schulden opgelopen tot 200% ten opzichte van de spaartegoeden
bron: Harm van Wijk
Nationale Hypotheek Garantie
In Nederland zijn veel hypotheken gefinancierd onder voorwaarden van de Nationale Hypotheek Garantie.Voor deze hypotheken lopen banken geen risico op een restschuld, omdat het Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW) garant staat voor aflossing van het hele leenbedrag. De onderzoekers van NIBC wijzen er op dat bij een daling van de huizenprijzen het vermogen van WEW al snel tekort kan schieten. Mocht deze situatie zich ooit voordoen dan kan WEW een beroep doen op renteloze leningen van de overheid. Benadrukt moet worden dat NHG-voorwaarden uitsluitend het risico op een restschuld van banken afdekt. Huishoudens profiteren van een rentekorting, maar zijn wel aansprakelijk als op enig moment sprake is van een restschuld.
bron: Rabobank
Het waarborgfonds, dat wordt gevuld met premies van huizenkopers, omvat ruim 400 miljoen euro. Het staat garant voor bijna een miljoen hypotheken (tot 265.000 euro) met een gezamenlijke waarde van ongeveer 97 miljard euro.
bron: NRC
The Economist (2003): house of cards
De prijzen van woonhuizen zakken de komende jaren dramatisch in de VS, Verenigd Koninkrijk, Spanje, Ierland, Australië en Nederland. Dat blijkt uit onderzoek van de Economist.
Bubble
Het Engelse vakblad stelt dat de huizenmarkt in de zes genoemde landen een typisch geval van een bubble is. De huizen in ondermeer Nederland zijn serieus overgewaardeerd. Het magazine heeft een onderzoek gedaan dat begint in 1975. Vooral de al lange tijd historisch lage rente heeft de prijzen van huizen opgestuwd.
Slechte tijden: “verkoop uw huis”
Pam Woodall, de schrijver van het stuk, stelt: “Op enig moment in de komende jaren gaan de prijzen hard naar beneden. De consequenties voor het land en de economie zullen veel erger zijn dan de crisis op de aandelenbeurzen”.
Door de huidige lage rentestand, in Amerika staat de korte rente op 1,25 procent, kunnen de Centrale Banken de rente niet veel meer verder verlagen. De banken kunnen de huizenmarkt dus niet meer effectief stimuleren.
De Economist adviseert inwoners van de zes genoemde landen, waaronder dus Nederland, om hun huizen te verkopen en te gaan huren totdat de huizen in prijs zijn gezakt.
bron: Economist, House of cards, May 31st 2003,
Waar komt het geld voor uw hypotheek vandaan?
De bancaire sector is gemachtigd door de centrale bank om liquiditeit (geld) ter beschikking te stellen op het gebied van leningen en hypotheken. De uitgifte daarvan gebeurt door de diverse banken met ondersteuning van de centrale bank. Men zal zich afvragen waar deze liquiditeit vandaan komt. Die komt feitelijk uit het niets. Als een bank een lening of hypotheek beschikbaar stelt aan de lener, dan creëert deze bank geld uit het niets om deze te financieren. Wanneer de lening of de hypotheek geheel wordt terugbetaald, dan verdwijnt dit geld weer in het niets. De bank ontleent zijn bestaansrecht aan de rente, die men ontvangt, want van het geld uit het niets kan men niet bestaan omdat daarover weer rente moet worden betaald aan de centrale bank (interbancaire rente) - die ook wordt vastgesteld door de laatste. Het verschil in de rentes, die de bank aan de centrale bank moet betalen en de rente die men ontvangt betreft dus de ‘winst’ van de bank. Dit is bekend onder naam fiatgeld, want er staat geen enkele tegenwaarde ten opzichte van dit ‘geld’, het is in feite gebakken lucht.
bron: Albert Spits
Sparen Nederlanders nog wel?
Het gevolg van de Amerikaanse bestedingsdrift is dat de spaarquote van gezinnen in de VS al een aantal jaren rond nul ligt. In de jaren tachtig spaarden Amerikanen nog gemiddeld 8% van hun beschikbaar inkomen. Alom wordt die spaarquote van nul gezien als het beste bewijs van de slechte staat waarin Amerika verkeert. Ze besteden daar maar raak en dat moet wel fout aflopen. Maar voor we in Nederland met het opgeheven vingertje gaan zwaaien, is het wel goed dat mensen zich realiseren dat de spaarquote van Nederlandse gezinnen sinds 2003 ieder jaar negatief is geweest. Niet nul als in Amerika, maar negatief. In 1995 spaarden we nog 5%. Nu besteden we dus ons hele beschikbare inkomen en dan nog wat extra. We ontsparen. Maar de nationale spaarquote is toch positief? Ja, maar dat komt voor wat betreft de gezinnen omdat er voor ons gespaard wordt, via de pensioenfondsen. Nederlanders zijn gedwongen spaarders geworden. Dankzij ons kapitaaldekkingsstelsel kunnen werknemers zich permitteren hun hele inkomen uit te geven.
bron: Jaap van Duyn
De voortdurende injectie van additionele hoeveelheden geld op bepaalde plaatsen in het economische systeem, waar het een tijdelijke vraag creëert die verdwijnt wanneer de toename van de geldhoeveelheid ophoudt of vertraagt, leidt arbeid en andere productiemiddelen naar werkzaamheden die slechts voortgezet kunnen worden zolang als de toename van de geldhoeveelheid doorgaat in hetzelfde tempo of misschien zelfs slechts zolang als de toename van de geldhoeveelheid doorgaat in een steeds sneller tempo. bron:Friedrich A. Hayek
"If Americans ever allow banks to control the issue of their currency, first by inflation and then by deflation, the banks will deprive the people of all property until their children will wake up homeless." bron: Thomas Jefferson