Jun 30

Voor de gemiddelde huiseigenaar hoeft het geen groot probleem te zijn. Maar voor de Nederlandse economie als geheel kan een forse daling van de huizenprijs rampzalig uitpakken.

Natuurlijk, leuk is het niet als de waarde van je woning daalt, maar zolang je niet verkoopt merk je er weinig van. Het huurwaardeforfait en de onroerendezaakbelasting gaan zelfs omlaag. Totdat de belastingdienst het doorkrijgt en de belastingpercentages verhoogt, natuurlijk.

Voor starters op de huizenmarkt is een lagere huizenprijs een zegen. Zo kunnen zij eindelijk weer meedoen met het spel.

Mensen die hun huis verkopen voelen de lagere prijs wel in de portemonnee. Maar omdat veel van hen ook weer een ander huis kopen, vallen de financiële gevolgen per saldo toch mee.

luxe goederen

De meeste Nederlanders zullen individueel dus niet zoveel last hebben van lagere huizenprijzen. Maar voor alle Nederlanders samen kan het toch voor grote ellende zorgen. Dalende huizenprijzen zijn een macro-economische ramp.

Volgens modelsimulaties van het CPB kan een tien procent lagere huizenprijs zorgen voor een daling van de consumptie met 1,7 procent.

Nederlanders zijn de afgelopen tien jaar gewend geraakt om de overwaarde van de eigen woning bij de bank te verzilveren en vervolgens uit te geven. Vroeger werd de hogere waarde van het huis omgezet in bijvoorbeeld consumptiegoederen en vakanties. Sinds 2004 geldt de bijleenregeling en is alleen de rente voor leningen voor verbouwingen nog aftrekbaar.

De afgelopen jaren gaat de verzilverde overwaarde daarom vooral naar nieuwe badkamers (met jacuzzi en infrarood sauna), luxe keukens (met een ingebouwde espressomachine en minimaal twee stoomovens) en grote serres (met vloerverwarming en automatische zonwering).

Hoe dan ook, de Nederlandse woningbezitter is gewend geraakt zijn huis als pinautomaat te gebruiken. Hoe duurder de huizen, hoe hoger de consumptie.

Als de prijzen dalen, moeten we dus flink bezuinigen. Woningonderhoud moet weer uit het salaris worden betaald. Voor andere uitspattingen blijft minder geld over.

Hoe hard een afkoelende woningmarkt de economie kan raken, bleek aan het begin van deze eeuw. In 2000 steeg de gemiddelde huizenprijs nog met twintig procent. Een jaar later was dit tien procent. En in 2002 werden woningen “nog maar” vijf procent duurder.

Het gevolg was dat er ieder jaar een lager bedrag aan overwaarde viel te verzilveren en de consumptie instortte.

De Nederlandsche Bank becijferde dat de minder snel stijgende huizenprijs zowel in 2001 als 2002 zorgde voor een vol procent minder groei. Zonder de afkoelende woningmarkt was de recessie van begin deze eeuw veel minder diep en pijnlijk geweest.

En dat alleen door een wat minder enthousiast stijgende huizenprijs. Als de prijzen echt gaan dalen, kunnen de economische gevolgen nog veel heftiger zijn.

Jun 16

De hypotheekrente is de afgelopen twee jaar behoorlijk gestegen. Vooral mensen die nog een variabele rente hebben, zijn behoorlijk meer gaan betalen. Waar de rente twee geleden nog 2,7% was, is dat bij veel aanbieders nu al 5,4%. Een stijging van 100%, een verdubbeling van de netto rentelasten per maand.

Hieronder een overzicht van de gemiddelde hypotheekrentes met Nationale Hypotheek Garantie (NHG) van de aflossingsvrije hypotheek:

2006 2008
Variabel 2,7% 5,4%
1 jaar 3,4% 5,7%
5 jaar 3,5% 5,6%
10 jaar 3,8% 5,6%
15 jaar 4,0% 5,7%
20 jaar 4,1% 5,8%
30 jaar 4,2% 5,9%

Het verschil in rente kan per bank behoorlijk verschillen. Ook de aanwezigheid van NHG is van invloed: met NHG kan wel 0,5% goedkoper zijn.

Gevolg: u kunt minder lenen

De gevolgen van de rentestijging kunnen groot zijn. Was het twee jaar geleden nog mogelijk om tussen de zes keer en zeven keer uw inkomen aan hypotheek te krijgen, is dit nu tussen de vier en vijf keer geworden. Natuurlijk verschilt dit ook per aanbieder als er sprake is van een hypotheek zonder NHG. Hieronder een tabel wat u op het ogenblik maximaal kunt lenen.

inkomen 30.000 inkomen 40.000 inkomen 50.000
rente NHG Zonder NHG NHG Zonder NHG NHG Zonder NHG
4% 155.000 193.000 209.000 280.000 265.000 350.000
5% 143.000 173.000 192.000 248.000 253.000 310.000
6% 136.000 154.000 183.000 222.000 242.000 278.000
7% 126.000 139.000 170.000 200.000 225.000 250.000
8% 114.000 126.000 154.000 181.000 204.000 227.000
12% 81.000 89.000 110.000 130.000 145.000 162.000

Huizenkopers moeten door de hogere rente op zoek naar een goedkopere woning. Bij een verdere stijging van de hypotheekrente en een gelijkblijvend inkomen zullen de huizenprijzen onder druk komen te staan.

Nu hoeft dit geen probleem te zijn, want de afgelopen jaren zijn de prijzen alleen maar gestegen. Maar toekomstige kopers zullen nog langer wachten met kopen, omdat zij denken dat de huizenprijzen verder kunnen dalen. De doorstroming van mensen die een andere koopwoning willen kopen, zal stagneren. Dit heeft ook weer invloed op de starters, die nu al moeilijk een geschikte woning kunnen vinden.

Rente lang vastzetten of niet?

Mensen die nu een huis willen kopen, krijgen te maken met een moeilijke beslissing. Moet u de rente voor lange tijd vast te zetten of voor een kortere periode? Niemand kan in de toekomst kijken. Wel blijkt uit het verleden dat de rente behoorlijk kan fluctueren.

Om niet te veel risico te nemen, maar toch te profiteren als de rente weer gaat dalen, kan u uw hypotheek in diverse delen opsplitsen. Neem voor deze delen ieder afzonderlijk verschillende rentevaste periodes. Het is wel verstandig om goed uit te laten berekenen of u bij een toekomstige hogere rente uw maandlasten nog wel kan betalen.

Wie zitten blijft: hertaxatie?

Stel nu dat de woningprijzen flink dalen door de stijgende rente.

Opvallend is ook dat in de voorwaarden staat dat een bank het recht heeft uw woning te hertaxeren. Dit is tot op heden nog nooit op grote schaal gebeurd, want de gevolgen zijn namelijk enorm. Stel uit de hertaxatie komt naar voren dat uw woning met 10% is gedaald. Dit betekent dat voor enorm veel mensen de hypotheek niet meer binnen de bandbreedte valt. Een aanpassing zal dan noodzakelijk zijn. Ter verduidelijking een voorbeeld van iemand die een maximale aflossingsvrije hypotheek heeft met NHG:

Koopprijs woning 200.000
Kosten koper 20.000
Benodigde hypotheek met NHG 220.000
Maximale aflossingsvrije hypotheek 100.000
Waarde na hertaxatie 180.000
Maximale aflossingsvrije hypotheek 90.000

Het verschil van 10.000 euro moet nu worden betaald.

Jun 16

De kredietcrisis en de wereldwijde onbalans hadden zich niet voorgedaan als centrale banken meer aandacht hadden besteed aan traditionele indicatoren zoals geldschepping en kredietgroei. Ongebreidelde geldgroei leidt uiteindelijk tot ongecontroleerde kredietgroei en inflatie. Dit werd te laat opgemerkt, omdat centrale banken tegenwoordig alleen nog maar oog hebben voor de consumenteninflatie die door de opkomst van de Aziatische economieën lang laag bleef. De geldgroei verstopte zich in huizenprijzen en de prijzen van obligaties, aandelen en derivaten.

geldgroei Nederland

In de eurozone is in de afgelopen jaren veel meer geld bijgedrukt dan is vastgelegd in het Verdrag van Maastricht. In dat Verdrag hebben de landen afgesproken om de geldgroei (M3 * ) niet boven de 4,5% te laten uitkomen. Maar de werkelijke geldgroei ligt de laatste maanden stevig boven dit percentage.

In de drie maanden tot en met april bedroeg de groei gemiddeld 10,7%.

De stijging van de geldhoeveelheid overtreft de raming van vooraf geraadpleegde economen. Zij gingen uit van een stijging van de geldhoeveelheid in april met 10,3% en een stijging van het gemiddelde over de afgelopen drie maanden van 10,6%.

Als de geldhoeveelheid te hard groeit kan dat duiden op toenemend inflatiegevaar, wat van invloed kan zijn op de rentepolitiek van de Europese Centrale Bank (ECB). De ECB streeft naar een inflatie beneden de 2% voor de eurozone.

Zie ook meervrijheid.nl en dit stuk op de site van Erasmus Universiteit Rotterdam.

Meer informatie over inflatie kunt u hier vinden

* M staat voor money supply en de 3 voor het tellen van zowel chartaal geld (munten en biljetten), giraal geld en depositos.

Artikel 105 van het Verdrag van Maastricht: (Maastricht Treaty Article 105)

“Het hoofddoel van het ESCB (Europees Stelsel van Centrale Banken) is het handhaven van prijsstabiliteit. Onverminderd het doel van prijsstabiliteit ondersteunt het ESCB het algemene economische beleid in de Gemeenschap teneinde bij te dragen tot de verwezenlijking van de in artikel 2 omschreven doelstellingen van de Gemeenschap”.

Artikel 2 stelt als doelstellingen van de Gemeenschap:

“… het bevorderen van een harmonische en evenwichtige ontwikkeling van de economische activiteit binnen de gehele Gemeenschap, een duurzame en niet-inflatoire groei met inachtneming van het milieu, een hoge graad van convergentie van de economische prestaties, een hoog niveau van werkgelegenheid en van sociale bescherming, een verbetering van de levensstandaard en van de kwaliteit van het bestaan en de economische en sociale samenhang tussen de Lidstaten”.

http://www.eurotreaties.com/maastrichtec.pdf

Hoewel het Verdrag van Maastricht duidelijk stelt dat de hoofddoelstelling van de ECB het handhaven van prijsstabiliteit is, wordt deze doelstelling niet expliciet uitgewerkt. De nadere precisering is door de ECB zelf opgesteld: “Prijsstabiliteit wordt gedefinieerd als een jaarlijkse stijging van de Geharmoniseerde Consumptieprijsindex (HICP) voor het eurogebied van onder, maar dichtbij 2%. Prijsstabiliteit moet worden gehandhaafd op de middellange termijn.”

IRIS(Rabobank) verwacht dat centrale banken, waaronder de ECB, een hogere inflatie feitelijk zullen accepteren. Tegelijkertijd neemt de macro-economische volatiliteit toe.

Het kabinet is hiervan volledig op de hoogte…

Waar komt geld vandaan?

In de VS is de geldgroei nog veel hoger…

Pam Woodall, The Economist

Schulden europa

May 5
Na een periode van enorme prijsstijgingen is Spanje in een periode van crisis terechtgekomen. De waarde van woningen is de afgelopen twaalf maanden ongeveer 5 – 10% gedaald. Dít, in combinatie met de relatief hoge hypotheekrente, maakt dat een Spanjaard zich wel twee keer bedenkt voor hij een nieuwe woning koopt. Beter is het nog even te wachten in de hoop op verdere prijsverlagingen.
Voor de onroerend goedsector is dit alles niet minder dan een ramp. Een derde van de sind 2005 gebouwde woningen (1,8 miljoen) is nog niet verkocht. De situatie is precair in Castilla-La Mancha, waar 68,5% nog in de verkoop staat. Alleen de Canarische Eilanden onttrekken zich aan de crisis.
Er zijn weliswaar geen officiële cijfers van niet-verkochte woningen, maar het aantal kan vrij nauwkeurig worden geschat door het aantal verkochte woningen af te trekken van het aantal opgeleverde woningen. Het aantal niet-verkochte woningen groeit nog steeds omdat vele projecten nog niet zijn afgerond. Experts schatten dat het aantal binnenkort rond de 750.000 zal liggen.
Waar bevinden zich deze huizen? Niet alleen aan de kust of in de bergen, waar veel Spanjaarden een tweede woning willen hebben. Nee, het zijn vooral de randen van de grote steden waar de stock zich ophoopt. Vooral de situatie rond Madrid is schrijnend. De spookstad Seseña (Toledo) heeft inmiddels nationale faam verworven.
In Catalonië valt het nog wel mee. Echter ook hier blijken inmiddels 8000 nieuwe woningen in de buurt van Barcelona onverkocht. Eén van de promotoren geeft toe dat er bijvoorbeeld in Sant Cugat, een buurgemeente van Barcelona, veel woningen alleen worden verkocht als de prijs wordt verlaagd. In Valencia en Murcia, waar zich veel projecten bevinden van vakantiewoningen, is meer dan de helft nog niet van eigenaar verwisseld.
De sector vreest dat het ergste nog niet voorbij is, en vraagt steun aan de overheid.

Next Entries »