Mar 21

Kredietbeoordelaar Moody’s waarschuwt voor de hoge schuldenniveau’s bij huishoudens in Nederland. De vele uitstaande hypotheken en andere leningen kunnen immers betalingsproblemen in de hand werken als de rente weer gaat oplopen.

Andere belangrijke uitdagingen vormen de economische gevolgen van het verder dichtdraaien van de gaskraan in Groningen en langetermijnkosten in verband met de vergrijzende bevolking. Moody’s heeft zijn kredietbeoordeling voor Nederland evenwel niet aangepast. Nederland blijft daardoor met zijn AAA-status en stabiele verwachting op het hoogste niveau.

Toch economische groei

Het ratingbureau verwacht dat de Nederlandse economie dit jaar met 3 procent groeit en volgend jaar met 2,5 procent. Op de korte termijn kunnen zaken als de brexit en het toenemende protectionisme in de wereld nog wel roet in het eten gooien.

Moody’s is overigens niet de eerste die wijst op de hoge schulden van Nederlandse huishoudens. Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en De Nederlandsche Bank (DNB) hebben dit ook al meerdere keren aan de kaak gesteld.

Mar 5

Door: Martijn van der Linden

In deze lezing vertelt Martijn van de Linden alles wat je als TU-student moet weten over geld om te begrijpen wat er op dit moment gebeurt in de wereld. Over wat geld is, wat banken doen en wat financiële markten zijn. Hoe wordt geld gecreëerd en waarom is er zoveel schuld in de wereld. Studieschulden bijvoorbeeld. Zijn er andere manieren om waarde met elkaar te ruilen en te delen? Zijn er stabielere geldsystemen denkbaar? Is het mogelijk als samenleving om onszelf niet van de ene crisis naar de andere te slepen? Gaat er een grote crash komen en blijft de Euro bestaan?

Martijn van der Linden is PhD student bij TBM. Hij studeerde Business Administration in Tilburg en werkte daarna 5 jaar in de financiële wereld. Sinds de crash van 2008 werd zijn kennis over de economie op een diepgaande wijze op de proef gesteld. Hij werd o.a. coördinator van het Nederlands platform voor een groene en sociale economie. Hij geeft zeer regelmatig lezingen en trad toe tot het bestuur van de Stichting ‘Ons Geld’. De belangrijkste vraag die hij wil beantwoorden tijdens zijn promotie is of een ideaal geldsysteem duurzaam zou kunnen bijdragen aan gelijkheid en vrijheid en tegelijkertijd efficiënt genoeg is voor een internationale samenleving.

Jun 3

De wereldeconomie groeit, maar deze groei is niet duurzaam. De wereldwijde schulden groeien namelijk nog veel harder en dat brengt grote risico’s met zich mee. In China, de VS, maar ook in Nederland worden de scheuren zichtbaar.

Lees verder bij:

Feb 2

Ik heb de onderstaande post van een paar jaar geleden weer van stal gehaald. Dit omdat er nu een discussie over geldcreatie gaande is. Zelf zie ik bijv. geen heil in geldcreatie door de overheid. Als de overheid de huizenprijzen in de CPI had meegenomen,  hadden veel van de huidige problemen voorkomen kunnen worden. De overheid wordt naar mijn mening teveel gestuurd door de (polder)lobby. Aukje de Vries wordt bijv. op afstand bestuurd door de banken.

Waarom gaat deze crisis niet snel voorbij? Als u de overheid en de banken moet geloven heeft het met het vertrouwen van de burgers te maken. Hier ben ik het niet mee eens, het heeft vooral te maken met het totaal opgeblazen geldsysteem. In de onderstaande video’s wordt uitgelegd hoe het fout ging. Als u dit begrijpt maakt het niet meer uit wat u op verjaardagsfeestjes of het Staatsjournaal hoort. U weet wel beter!

 

Rabobank: De huizenmarkt is een zeepbel.

Waarom hebben wij een woningmarktcrisis die niet voorbij gaat?

Paul Schnabel pessimistisch over Nederlandse economie

uitgebreide uitleg

Nov 9

Gemiddeld is 18 procent van de koopwoningen in bezit van 70-plussers. Voor de gemeentelijke Wmo-budgetten is dat de komende vijftien jaar slecht nieuws. En daarna voor de lokale woningmarkt.

Het Kadaster bracht voor Binnenlands Bestuur het woningbezit onder 70-plussers in alle 408 Nederlandse gemeenten in kaart.

Over tien, vijftien jaar komen veel grote woningen min of meer tegelijkertijd op de markt, omdat de eigenaren overlijden of echt niet langer op eigen benen kunnen staan. Uit het Kadaster-onderzoek blijkt dat jongeren nauwelijks belangstelling hebben voor deze woningen. Ze zijn verouderd en te duur. De vraag is wie tegen die tijd woningaanpassing of sloop voor zijn rekening neemt.

Lees het gehele artikel op de site van  Binnenlands Bestuur

ned-70plus

Mar 9

Nederland heeft het afgelopen decennium de laagste groei met betrekking tot de particuliere consumptie van de 17 landen binnen de eurozone geboekt, wegens een afname in de inkomens en de zwakke vastgoedmarkt.

zie ook: De Nederlandse consumptie-economie

Dat stelt De Nederlandsche Bank (DNB) donderdag. “Over de afgelopen tien jaar is er nergens anders in de eurozone een dergelijk zwakke consumptiegroei geweest”, stelt de in Amsterdam gevestigde centrale bank in een verklaring.

“Dit is opmerkelijk, omdat Nederland in de jaren ’90 e e n van de landen was met de hoogste consumptiegroei”, staat in de verklaring.

zie ook: Hoe is de Nederlandse consumptie-economie onstaan? . Heertje: als kippen zonder kop

De Nederlandse economie viel in het vierde kwartaal van 2011 officieel terug in een recessie, bleek vorige maand uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), nadat het bruto binnenlands product (BBP) voor het tweede kwartaal op rij daalde.

“Een belangrijke factor hierbij is de daling in de huishoudelijke consumptie”, zegt DNB.

De centrale bank stelt dat de afgenomen groei voortkomt uit lagere salarissen, waarbij de bank meldt dat de inkomens gemiddeld met 0,7% per jaar zijn gedaald tussen 2002-2011, in tegenstelling tot de 3,2%-groei per jaar tussen 1992-2001.

zie ook: 3,5 miljoen huishoudens lopen financiële risico’s

Daarnaast onderstreept DNB de stijging in vastgoedprijzen tussen 1995-2001, waarbij de bank meldt dat eigenaren destijds aangemoedigd werden extra hypotheken te nemen en meer te besteden.

“Terwijl de vastgoedmarkt is verzwakt in de jaren daarna, nam ook de behoefte om te besteden af”, merkt DNB op, waar de bank aan toevoegt dat vastgoedprijzen in Nederland met 10% gedaald zijn ten opzichte van hun hoogste punt.

bron: RTL Z

Aug 17

De gebeurtenissen van de afgelopen jaren hebben nogmaals aangetoond hoe belangrijk de ontwikkelingen op de woningmarkten zijn voor de economie in haar geheel en voor de financiële stabiliteit.

Vanaf het midden van de jaren negentig droegen dynamische woningmarkten in de meeste geavanceerde economieën opvallend bij tot de instandhouding van een stevige economische groei. Lage rentes, financiële innovaties, soepele kredietvoorwaarden, een gestage groei van het beschikbaar inkomen en demografische factoren stimuleerden de vraag naar woningen en zorgden ervoor dat de woningprijzen en de investeringen in woongebouwen fors toenamen. Vermogenseffecten en – althans in sommige landen – praktijken zoals overwaardeverzilvering (mortgage equity withdrawal) maakten dat de particulieren hun consumptieve uitgaven opvoerden. Tegelijkertijd klom echter ook de schuldgraad van de huishoudens in bepaalde landen tot ongekende hoogten, wat ze uiterst kwetsbaar maakte voor negatieve schokken.

Nederland

In Nederland trokken de vastgoedprijzen in eerste instantie vanaf de tweede helft van de jaren negentig snel aan ; tijdens het decennium 2000 stegen ze vervolgens meer gematigd. De ontwikkelingen op de vastgoedmarkt gingen tijdens de eerste periode gepaard met een sterke werkgelegenheidscreatie en een forse toename van het beschikbaar inkomen van de huishoudens. Gedurende de hele periode werd de stijging van de vastgoedprijzen tevens in de hand gewerkt door de toenemende concurrentie tussen de aanbieders van hypothecaire kredieten en door de ontwikkelingen op de hypotheekmarkt

 Risico’s

Ten eerste is er de normalisering van de rentetarieven. Zoals reeds vermeld, waren tijdens het afgelopen decennium de rentetarieven zeer laag als gevolg van verschillende factoren, bijvoorbeeld een zeer accommoderend monetair beleid en het spaaroverschot afkomstig uit de opkomende landen in Azië en uit de olie-exporterende landen. Die beweging ging gepaard met een toename van de schuldenlast van de niet-financiële private sector, met name de huishoudens, en een accumulatie van macro-economische evenwichtsverstoringen in tal van economieën.

De tweede risicofactor heeft betrekking op de potentiële groei van het bbp die lager zou kunnen uitvallen dan tijdens het voorgaande decennium. Een vertraging van de potentiële groei zal op haar beurt aanleiding geven tot een minder snelle stijging van het beschikbaar inkomen van de huishoudens en de vraag naar woningen drukken.

De financiële crisis heeft ten slotte geleid tot een snelle stijging van de publieke schuldenlast in de meeste geavanceerde economieën. De houdbaarheid van de overheidsfinanciën vergt een snelle correctie van de begrotingstekorten. Deze kan leiden tot een economische vertraging op korte termijn en kan wellicht het beschikbaar inkomen van de huishoudens drukken.

Conclusie

De laatste hausseperiode van de woningprijzen, die in de meeste geavanceerde landen omstreeks medio jaren negentig aanving, onderscheidt zich van vroegere opwaartse fases door haar uitzonderlijke duur, omvang en mate van synchronisatie. Lage rentes, financiële innovaties, soepele kredietvoorwaarden en demografische factoren voedden de vraag naar woningen en leidden tot een forse toename van de woningprijzen en van de investeringen in woongebouwen. De woningprijzen namen het sterkst toe in het Verenigd Koninkrijk, Spanje, Ierland en Frankrijk. Ze stegen ook aanzienlijk, zij het in mindere mate, in België, Finland, de Verenigde Staten en Nederland. In Spanje en Ierland gaf dit verloop bovendien een krachtige impuls aan de vraag naar nieuwe woningen en aan de bedrijvigheid in de bouwsector, waarvan het aandeel in de totale toegevoegde waarde buitengewone proporties aannam. Tegelijkertijd steeg echter ook de schuldgraad van de huishoudens tot ongekende hoogten, wat hen uiterst kwetsbaar maakte voor negatieve schokken

bron  Nationale Bank van Belgie

Jun 8

In het kader van Room for Discussion, georganiseerd door studenten van de Economie faculteit van de Universiteit van Amsterdam en de Partij van de Arbeid, werd afgelopen maandag (06-06-2011) een discussie gehouden over de Griekse schuldencrisis. Deelnemers aan het debat waren Nout Wellink, president van De Nederlandse Bank, Willem Buiter, hoofdeconoom bij Citigroup, Arnoud Boot, professor Corporate Finance and Financial Markets aan de Universiteit van Amsterdam en Sweder van Wijnbergen, professor Macroeconomics aan de Universiteit van Amsterdam. Een zeer interessante discussie en kan nu hier worden teruggekeken.

De Griekse problematiek werd door de deelnemers verschillend ingeschat. Aan de ene kant van het spectrum staat Nout Wellink die, aangezien de economieën van Portugal, Ierland en Griekenland gecombineerd slechts zo’n 6% van Eurozone GDP vormen, van mening is dat dit in principe een oplosbaar probleem moet zijn. Het problematische is echter (volgens Wellink) dat Europa geen solidariteitsgemeenschap is. Vandaar dat geen geldtransfers naar probleemlanden kunnen gaan, maar dat dit moet gebeuren in de vorm van leningen, in de veronderstelling dat die in de toekomst worden terugbetaald. De herstructurering van de Griekse schulden is volgens Wellink niet noodzakelijk; Griekenland moet de tijd worden gegeven om de hervormingen door te voeren en gepraat over herstructurering frustreert dit proces.

Aan de andere kant van het spectrum staat Arnoud Boot, voorstander van herstructurering die gepaard moet gaan met grote fundamentele hervormingen. Niet alleen in Griekenland, maar ook in de Eurozone. Macro-economische onevenwichtigheden (zoals tekorten op de lopende rekening, grote kapitaalinstromen die assetbubbels tot gevolg hebben, etc.) moeten worden geadresseerd. Dit kan worden gedaan door vergaande Europese politieke en fiscale integratie (“fiscal power to Brussels”) of een Europees kader van regulatie die onevenwichtigheden tegen moet gaan. Dit zou bijvoorbeeld kunnen inhouden dat Europa meer inspraak krijgt op overheidsbeleid ten aanzien van de huizenmarkt (Europa zou overheden moeten kunnen dwingen zaken als hypotheekrenteaftrek etc. te beperken, of regulatie af te dwingen ten aanzien van tophypotheken; “Tophypotheken zijn een tikkende tijdbom”). Vergaande bevoegdheden voor Europa om in een vroeg stadium in te kunnen grijpen zouden de noodzaak voor fiscale integratie kunnen verminderen.

Het hele artikel kunt u lezen op money-for-nothing.nl

Feb 26

Enorme kredietgroei en een snel stijgende geldhoeveelheid. China lijkt verdacht veel op Europa en de VS van voor de kredietcrisis. Klinkt er straks een harde knal in het oosten?

Je herinnert je nog wel die absurd hoge Europese geldgroei in de jaren voor de kredietcrisis. De hoeveelheid euro’s in omloop steeg met meer dan 10 procent per jaar, in sommige maanden zelfs met ruim 12 procent.

In de Verenigde Staten bleven de groeipercentages daar niet veel bij achter.

De hoge geldgroei verbaasde veel economen, maar echt zorgen maakte men zich er niet om. Nu weten we dat de overvloed aan euro’s en dollars een symptoom was van volstrekt uit de hand gelopen kredietverlening.

Nadat de kredietzeepbel knapte en de crisis in volle hevigheid uitbrak groeide de geldhoeveelheid in Europa en de VS nauwelijks meer. Zo steeg in januari de hoeveelheid euro’s in omloop met een verwaarloosbare 0,1 procent.

Absurde geldgroei
Voor absurde geldgroei moet je nu naar het oosten.

Lees verder op Z24.nl

Nov 26

De geldhoeveelheid in de eurozone groeit trager dan ooit en de kredieten van de banken aan de privésector dalen meer dan ooit. Deze tegenvallende cijfers suggereren dat er geen inflatiegevaar bestaat en dat de Europese Centrale Bank (ECB) slechts heel geleidelijk haar leningen aan de banken zal afbouwen.

(tijd) – De geldhoeveelheid (M3) steeg in oktober slechts met 0,3 procent jaar op jaar, tegenover 1,8 procent in september. De ECB streeft naar een geldgroei van 4,5 procent.

Monetary aggregate M3

De leningen van de banken aan de privésector daalden in oktober met 0,8 procent jaar op jaar na een terugval van 0,3 procent in september. De kredietverlening aan niet-financiële bedrijven zakte met 1,2 procent na een daling met 0,2 procent de vorige maand. De kredietverstrekking aan de gezinnen verminderde met 0,1 procent na een achteruitgang met 0,3 procent.

Monetary aggregate M3 and M1

Onderzoek van de ECB toont aan dat de kredietverlening aan gezinnen een licht voorlopende indicator is. De kredietverstrekking aan niet-financiële bedrijven daarentegen is een indicator die drie kwartalen achterloopt op de economische activiteit.

‘De geld- en kredietcijfers geven de ECB een sterk argument om haar monetaire stimulans slechts geleidelijk af te bouwen’, zegt ING-econoom Martin van Vliet. ‘Onze werkhypothese blijft dat de ECB in de eerste helft van 2010 de meeste niet-conventionele maatregelen afbouwt en in de tweede helft van volgend jaar de rente begint te verhogen.’

bron: De Tijd

  • Pagina 1 van 3
  • 1
  • 2
  • 3
  • >