In de tijd dat Gerrit Zalm financieel directeur van DSB Bank was, heeft die bank klanten opgezadeld met te hoge hypotheekleningen, dure koopsomverzekeringen en bovengemiddeld hoge rente. Bovendien was de huidige bestuursvoorzitter van ABN Amro daarvan op de hoogte. Dit blijkt uit dossiers en brieven in bezit van dagblad De Pers.
De Autoriteit Financiële Markten heeft DSB in juli twee boetes opgelegd vanwege de manier waarop de bank hypotheekleningen heeft verstrekt. Toch blijft minister Wouter Bos van Financiën Zalm steunen. Op Kamervragen antwoordde Bos op 24 augustus dat Zalm hem heeft verzekerd dat de problemen dateren van vóór zijn tijd.
Gezinnen met te hoge hypotheekschulden die nu door de kredietcrisis in de problemen komen, moeten volgens het CDA worden geholpen.
Volgens voormalig Rabobank medewerkster en bankiers dochter Elly Blanksma van het CDA zijn er naar schatting 60.000 gezinnen die hun huis met een kortdurende lening hebben gekocht en in de problemen komen, omdat ze worden geconfronteerd met een stijgende rente.
“Het is onwenselijk als deze gezinnen allemaal in de schuldhulpverlening terechtkomen en verplicht hun huis moeten verkopen”, aldus Blanksma dinsdag.
Zij wil woensdag minister Wouter Bos van Financiën tijdens een Kamerdebat vragen de problemen in kaart te brengen. Ook moet hij met de financiële sector op zoek naar oplossingen voor deze huizenbezitters.
Lenen
Dankzij de lage hypotheekrente de afgelopen jaren hebben veel banken volgens het CDA-Kamerlid aan mensen te veel geld geleend gezien hun inkomen. “De norm is dat je niet meer dan 4,5 keer je jaarinkomen mag lenen, maar negen keer je inkomen kwam net zo goed voor.”
Blanksma vindt dat banken in deze gevallen net zo goed verantwoordelijk zijn voor eventuele problemen bij een stijgende rente als de mensen die de lening zijn aangaan.
In deze gevallen zouden banken volgens haar bijvoorbeeld de looptijd van de hypotheek kunnen verlengen met de lagere rente.
Zelfredzaam
Tegelijkertijd wil het CDA-Kamerlid dat Bos met collega-bewindslieden van Onderwijs aan de slag gaat om mensen meer zelfredzaam te maken op het gebied van hun huishoudboekje.
Zij wijst erop dat momenteel 2,5 miljoen mensen in Nederland “financieel ongeletterd” zijn en 4,2 miljoen “laconiek of onzeker” omgaan met geld. Blanksma vreest dat jongeren te veel opgroeien in “een heb-cultuur”.
De afgelopen jaren zijn er aan de toenmalige minister van financiën Gerrit Zalm veel kamervragen gesteld over hypotheken en de huizenmarkt. Deze kamervragen worden hier nog eens behandeld om duidelijk te maken wie er verantwoordelijk zijn voor de zeepbel in de huizenmarkt. Gerrit Zalm beantwoord hieronder kamervragen van Agnes Kant over de Generatiehypotheek.
Generatiehypotheken zijn in 2003 op de markt gekomen als tophypotheek op basis van een garantstelling door familieleden, meestal (groot)ouders. Door deze garantie kunnen jongeren hypotheekleningen afsluiten die normaal gesproken buiten hun bereik liggen. De hypotheekrente die de starter zelf betaalt, is normaal aftrekbaar voor de inkomstenbelasting.
Als de ouder de rentebetaling geheel overneemt, kan ouder noch kind aanspraak maken op de belastingaftrek. Tot nu toe bestond onduidelijkheid over de fiscale gevolgen als de ouder tijdelijk de rentelasten voor zijn rekening neemt. Wijn schetst nu mogelijkheden om in die situatie toch aanspraak op de aftrekpost te maken.
Dat kan als de rentebetaling door de ouder de vorm heeft van een rentedragend voorschot of een schenking. Maar als de ouder de starter de rentebetaling kwijtscheldt, vervalt de aftrek geheel.
De vragen:
1.
Kent u de reclamecampagne van de Rabobank voor een <<Generatiehypotheek>>?
Ja.
2.
Vindt u het acceptabel dat jonge mensen zich daarmee nog dieper in de schulden steken om een huis te kunnen kopen en de overheid dat stimuleert met een grotere aftrek?
De generatiehypotheek is een hypotheekvorm waarbij ouders de mogelijkheid wordt geboden (voor een bepaalde tijd) garant te staan voor (een deel van) de rente en aflossing van de hypotheek van hun kind of in verband met de hypotheek van hun kind een bepaald bedrag aan hun kind te lenen of te schenken. Deze mogelijkheden zijn op zichzelf niet nieuw. Nieuw is slechts het aanbieden ervan in een concreet product. Bij een generatiehypotheek kan er sprake zijn van een hogere schuld in vergelijking met een andere hypotheekvorm. Dit vraagt om de nodige zorgvuldigheid van de hypotheekaanbieder en de hypotheeknemer (zoals gebruikelijk bij iedere vorm van hypotheekverstrekking). Ten eerste zal de aanbieder van de generatiehypotheek rekening moeten houden met de aflossingcapaciteit van de hypotheeknemer, ook wanneer de ouders garant staan voor (een gedeelte van) de rente en aflossing. Bovendien zal de aanbieder van de generatiehypotheek zorgvuldig moeten zijn in zijn informatieverstrekking aan de hypotheeknemer. De hypotheeknemer moet goed op de hoogte zijn van alle voorwaarden en kosten die zijn verbonden aan de hypotheek. Met de verkregen informatie zullen zowel het kind (als hypotheeknemer) als de ouders, indien zij garant staan, een zorgvuldige afweging kunnen maken over de passendheid van de hypotheek en de daarmee gepaard gaande hypotheeklasten.
De generatiehypotheek neemt geen bijzondere positie in binnen de huidige fiscale vormgeving van de hypotheekrente. Het uitgangspunt is ook bij dit product dat alleen die rente in aftrek kan worden gebracht die als eigenwoningrente kan worden aangemerkt (zie het besluit van 27 februari 2002, nr.CPP2001/3541M).
3.
Past dit volgens u in een trend waarmee steeds meer hypotheekschuld wordt aangegaan met nieuwe hypotheekvormen waarbij steeds minder wordt afgelost? Erkent u dat dit weer de huizenprijzen opdrijft?
De generatiehypotheek past binnen de trend in de financiële sector waar steeds nieuwe producten op de markt komen en er sprake is van toenemende vervlechting van bestaande financiële producten. Op de hypotheekmarkt wordt inderdaad steeds vaker gekozen voor een hypotheekvorm waarbij slechts gedeeltelijk wordt afgelost. De generatiehypotheek is echter niet per definitie een (gedeeltelijk) aflossingvrije hypotheek.
Gegeven het feit dat de generatiehypotheek slechts een hypotheekvorm is die bestaande mogelijkheden tot financiering aanbiedt in een concreet product, is er geen reden om te veronderstellen dat het de huizenprijzen opdrijft. De huizenprijzen worden uiteindelijk bepaald door de (netto) woonlasten die een koper bereid is te betalen.
4.
Is het u bekend dat Nederland inmiddels de hoogste hypotheekschuld in Europa heeft als percentage van het BBP? Zo ja, maakt u zich daar zorgen over?
Afgelopen maart publiceerde de Europese Centrale Bank haar rapport inzake ‘Structural Factors in the EU housing markets’. In dit rapport worden de oorzaken en effecten van fluctuaties op de huizenmarkt binnen de Europese Unie onderzocht en wordt een overzicht gegeven van de ontwikkelingen op die huizenmarkt sinds 1980. Uit dit onderzoek komt onder andere naar voren dat Nederland op dit moment de hoogste hypotheekschuld heeft als percentage van het BBP. De hoogte van de hypotheekschuld moet worden bezien in het licht van de persoonlijke en financiële situatie van de hypotheeknemer. Uit hetzelfde rapport blijkt dat de hypotheeklast (hypotheekschuld rekening houdend met de hypotheekrente) vergeleken met het beschikbare inkomen per huishouden in de tweede helft van de jaren negentig slechts licht is gestegen en vanaf 2000 zelfs licht is gedaald in Nederland. De te dragen hypotheeklast is zodoende verhoudingsgewijs voor het Nederlandse huishouden gemiddeld gelijk gebleven.
De hypotheekschuld speelt een rol op microniveau (de individuele hypotheeknemer) en op macroniveau (de gehele financiële sector). Op microniveau zijn goede gedragsregels voor de hypotheekaanbieder en -bemiddelaar en adequaat toezicht op de naleving van deze regels van belang. Het aanbieden van en bemiddelen in hypothecair krediet zal integraal worden meegenomen in het wetsvoorstel Wet financiële dienstverlening (Wfd) dat rond de zomer aan de Tweede Kamer zal worden aangeboden. U bent over dit wetsvoorstel bij brief van 20 december jl. geïnformeerd.
Op macroniveau dient een stabiele situatie in de financiële sector te worden gewaarborgd. Om dit te bewerkstelligen volgt het ministerie van Financiën samen met De Nederlandsche Bank de ontwikkelingen op de hypotheekmarkt nauwlettend.
5.
Leidt deze ontwikkeling ertoe dat u maatregelen overweegt om de fiscale aftrekbaarheid van hypotheekrente die dit soort hypotheekvormen stimuleert te beperken? Zo ja, welke? Zo nee, waarom niet?
Gelet op het vorenstaande leidt deze ontwikkeling niet tot een wijziging van het fiscale beleid ten aanzien van dit soort hypotheekvormen.
Welkom
Ik ben dit weblog begonnen om te waarschuwen voor de gevaren van onze kenniseconomie consumptie-economie (65% = consumptie). De schuldgraad van de Nederlandse huishoudens is enorm hoog geworden, zo hoog dat een groot aantal Nederlanders inmiddels slaaf van "de bank" is. Wil je als starter een huis gaan kopen, dan kun je beter wachten tot de huizenbubble is
leeggelopen.
hypotheekschuld Ned. in 1996: 138 miljard euro
hypotheekschuld Ned. in 2009: 609 miljard euro
De waarde die tegenover de schulden staat is een virtuele waarde, dat is een waarde die is ontstaan omdat centrale banken zoveel geld hebben gecreëerd en nieuwe kredieten en hypotheken zo makkelijk mogelijk maken. Als er een crisis in het kredietsysteem ontstaat zoals nu en krediet niet meer makkelijk beschikbaar is dan gaat die waarde die je met krediet moet financieren zoals onroerend goed erg dalen maar de schulden die zijn uitgegeven blijven staan. bron: Willem Middelkoop
Wat kan een daling veroorzaken?
Een scherpere correctie zou kunnen optreden door een snel afnemend consumentenvertrouwen, toenemende verwachtingen van prijsdalingen en een significante toename van de hypotheekrente bron: De Nederlandse Bank
Hypotheekschuld
De hypotheeklasten zijn zo enorm - in totaal 278 miljard euro (inmiddels al meer dan 600 miljard!), per inwoner veruit het hoogst ter wereld - moet nu côute que côute voorkomen worden dat de huizenprijs fors keldert. ,,Het is zonde dat de politiek halverwege de jaren negentig niet begonnen is met geleidelijke beperking van de renteaftrek. Dat had de oververhitte markt kunnen afkoelen.”
bron: prof.dr. Peter Boelhouwer
Afschaffing Hypotheekrenteaftrek
De argumenten voor afschaffing worden volgens Nout Wellink steeds 'dwingender', vooral omdat de aftrek de markt verstoort. Aan het oorspronkelijke doel van de regeling, het stimuleren van het eigen huizenbezit, draagt de regeling al lang niet meer bij, stelt Wellink. "Waar het op neerkomt, is dat mensen die een huis bezitten aan elkaar de bonus van de hypotheekrenteaftrek doorschuiven. Voor hen is er geen probleem. Maar starters op de woningmarkt komen hier niet meer tussen, of zij moeten zich diep in de schulden steken om die bonus te betalen."
bron: nu.nl (2006)
Wat zegt NIBC?
In een rapport uit september 2007 becijferden analisten van zakenbank NIB Capital (NIBC) dat de ‘luchtbel’ in de Nederlandse huizenprijzen groter is dan in de VS. Hierbij spelen de hoge schuldratio’s van ons land een belangrijke rol: zo is de uitstaande hypotheekschuld in verhouding tot het net national income in Nederland (120%) beduidend hoger dan in Amerika (nog geen 90%).Volgens NIBC zou dit gegeven als zodanig niet per definitie problematisch hoeven te zijn, als een flinke spaarpot tegenwicht bood aan de torenhoge schuld. Maar hoewel de spaartegoeden toenemen, is de schuldenlast in Nederland door de jaren heen steeds zwaarder geworden. Eind jaren tachtig van de vorige eeuw bedroegen de schulden van de Nederlanders niet meer dan 80% van de uitstaande spaartegoeden. Ofwel, de Nederlanders spaarden meer dan dat ze leenden. Inmiddels zijn de schulden opgelopen tot 200% ten opzichte van de spaartegoeden
bron: Harm van Wijk
Nationale Hypotheek Garantie
In Nederland zijn veel hypotheken gefinancierd onder voorwaarden van de Nationale Hypotheek Garantie.Voor deze hypotheken lopen banken geen risico op een restschuld, omdat het Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW) garant staat voor aflossing van het hele leenbedrag. De onderzoekers van NIBC wijzen er op dat bij een daling van de huizenprijzen het vermogen van WEW al snel tekort kan schieten. Mocht deze situatie zich ooit voordoen dan kan WEW een beroep doen op renteloze leningen van de overheid. Benadrukt moet worden dat NHG-voorwaarden uitsluitend het risico op een restschuld van banken afdekt. Huishoudens profiteren van een rentekorting, maar zijn wel aansprakelijk als op enig moment sprake is van een restschuld.
bron: Rabobank
Het waarborgfonds, dat wordt gevuld met premies van huizenkopers, omvat ruim 400 miljoen euro. Het staat garant voor bijna een miljoen hypotheken (tot 265.000 euro) met een gezamenlijke waarde van ongeveer 97 miljard euro.
bron: NRC
The Economist (2003): house of cards
De prijzen van woonhuizen zakken de komende jaren dramatisch in de VS, Verenigd Koninkrijk, Spanje, Ierland, Australië en Nederland. Dat blijkt uit onderzoek van de Economist.
Bubble
Het Engelse vakblad stelt dat de huizenmarkt in de zes genoemde landen een typisch geval van een bubble is. De huizen in ondermeer Nederland zijn serieus overgewaardeerd. Het magazine heeft een onderzoek gedaan dat begint in 1975. Vooral de al lange tijd historisch lage rente heeft de prijzen van huizen opgestuwd.
Slechte tijden: “verkoop uw huis”
Pam Woodall, de schrijver van het stuk, stelt: “Op enig moment in de komende jaren gaan de prijzen hard naar beneden. De consequenties voor het land en de economie zullen veel erger zijn dan de crisis op de aandelenbeurzen”.
Door de huidige lage rentestand, in Amerika staat de korte rente op 1,25 procent, kunnen de Centrale Banken de rente niet veel meer verder verlagen. De banken kunnen de huizenmarkt dus niet meer effectief stimuleren.
De Economist adviseert inwoners van de zes genoemde landen, waaronder dus Nederland, om hun huizen te verkopen en te gaan huren totdat de huizen in prijs zijn gezakt.
bron: Economist, House of cards, May 31st 2003,
Waar komt het geld voor uw hypotheek vandaan?
De bancaire sector is gemachtigd door de centrale bank om liquiditeit (geld) ter beschikking te stellen op het gebied van leningen en hypotheken. De uitgifte daarvan gebeurt door de diverse banken met ondersteuning van de centrale bank. Men zal zich afvragen waar deze liquiditeit vandaan komt. Die komt feitelijk uit het niets. Als een bank een lening of hypotheek beschikbaar stelt aan de lener, dan creëert deze bank geld uit het niets om deze te financieren. Wanneer de lening of de hypotheek geheel wordt terugbetaald, dan verdwijnt dit geld weer in het niets. De bank ontleent zijn bestaansrecht aan de rente, die men ontvangt, want van het geld uit het niets kan men niet bestaan omdat daarover weer rente moet worden betaald aan de centrale bank (interbancaire rente) - die ook wordt vastgesteld door de laatste. Het verschil in de rentes, die de bank aan de centrale bank moet betalen en de rente die men ontvangt betreft dus de ‘winst’ van de bank. Dit is bekend onder naam fiatgeld, want er staat geen enkele tegenwaarde ten opzichte van dit ‘geld’, het is in feite gebakken lucht.
bron: Albert Spits
Sparen Nederlanders nog wel?
Het gevolg van de Amerikaanse bestedingsdrift is dat de spaarquote van gezinnen in de VS al een aantal jaren rond nul ligt. In de jaren tachtig spaarden Amerikanen nog gemiddeld 8% van hun beschikbaar inkomen. Alom wordt die spaarquote van nul gezien als het beste bewijs van de slechte staat waarin Amerika verkeert. Ze besteden daar maar raak en dat moet wel fout aflopen. Maar voor we in Nederland met het opgeheven vingertje gaan zwaaien, is het wel goed dat mensen zich realiseren dat de spaarquote van Nederlandse gezinnen sinds 2003 ieder jaar negatief is geweest. Niet nul als in Amerika, maar negatief. In 1995 spaarden we nog 5%. Nu besteden we dus ons hele beschikbare inkomen en dan nog wat extra. We ontsparen. Maar de nationale spaarquote is toch positief? Ja, maar dat komt voor wat betreft de gezinnen omdat er voor ons gespaard wordt, via de pensioenfondsen. Nederlanders zijn gedwongen spaarders geworden. Dankzij ons kapitaaldekkingsstelsel kunnen werknemers zich permitteren hun hele inkomen uit te geven.
bron: Jaap van Duyn
De voortdurende injectie van additionele hoeveelheden geld op bepaalde plaatsen in het economische systeem, waar het een tijdelijke vraag creëert die verdwijnt wanneer de toename van de geldhoeveelheid ophoudt of vertraagt, leidt arbeid en andere productiemiddelen naar werkzaamheden die slechts voortgezet kunnen worden zolang als de toename van de geldhoeveelheid doorgaat in hetzelfde tempo of misschien zelfs slechts zolang als de toename van de geldhoeveelheid doorgaat in een steeds sneller tempo. bron:Friedrich A. Hayek
"If Americans ever allow banks to control the issue of their currency, first by inflation and then by deflation, the banks will deprive the people of all property until their children will wake up homeless." bron: Thomas Jefferson